Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Is dit opruiing?

Het laat mij betrekkelijk koud, of gij rechters, er dat onder verstaan wilt of niet.

M.i. beduidt opruien: iemand buiten zichzelf brengen, zoodat hij, onder uw suggestie, overgaat tot daden, die hij eigenlijk niet wil.

In dien zin is opruien onze bedoeling niet geweest. . Verstaat gij onder opruien simpel: aansporen (maar taalkundig hebt gij daartoe niet het recht), dan aanvaard ik de beschuldiging. Dan kan het woord „opruier" mettertijd een eerenaam worden, zooals het woord „geus", bedelaar, dat geworden is in een ook grooten, revolutionairen tijd.

Mijne Heeren Rechters — lotgenooten van mij hebben zich beroepen op de grondwet, op juristische en literaire exegeten. Wij willen hun voorbeeld niet volgen.

Wij ook achten hetgeen hier heden geschiedt een aanranding van de grondwettelijke vrijheid van het woord. Wij ook betwisten u, met de algemeen aanvaarde woordenboeken der Nederlandsche taal in de hand, het recht, ons als opruiers te vonnissen.

Maar wij willen ons beroepen op hooger dan literaten en juristen.

Carlyle, de man, die het kapitalisme zedelijk ontleed en gevonnisd heeft, gelijk Marx dat economischmaatschappelijk deed, schreef eenmaal:

„Luther deed, y wat iedere mensch, dien God geschapen heeft, niet enkel het recht, maar ook den plicht heeft, te doen. Toen daar een valschheid, een onwaarachtigheid, een leugen tot hem kwam, met de vraag: „gelooft gij in mij?" zei hij „neen". — Wat ook de kosten wezen mogen, zonder die kosten zelfs te berekenen, moet dit in zoodanig geval ons antwoord zijn".

Heden komt het militarisme tot ons, en het vraagt:

Sluiten