Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geheim.

Heffing eener oorlogswinstbelasting.

ONTWERP VAN WET.

Wij WILHELMINA, bij de gbatie Gods, Koningin deb Nederlanden, Peinses van Oeanje-Nassad, enz.', enz., enz.

Allen die deze zullen zien, of hooren lezen, salut! doen te weten:

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het gewensclit is eene oorlogswinstbelasting te heffen;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

HOOFDSTUK I.

Beginsel der belasting. Belastingplichtigen.

Grondslag en bedrag der belasting.

Artikel 1.

Onder den naam van oorlogswinstbelasting wordt eene belasting gelieven wegens de vermeerdering van inkomen of winst als onmiddellijk of middellijk gevolg van den oorlogstoestand.

Iedere vermeerdering van inkomen of winst wordt geacht een gevolg van den oorlogstoestand te zijn, indien en voor zoover het tegendeel niet aannemelijk is gemaakt.

Artikel 2.

Belastingplichtig wegens vermeerdering van inkomen zijn:

1°. zij die binnen het Rijk wonen;

2". zij die niet binnen het Rijk wonen, doch:

a. liet genot hebben van een binnen het Rijk gelegen onroerend goed of van een op zoodanig goed gevestigd recht;

b. persoonlijk of door een vertegenwoordiger, een bedrijf of beroep (ambt. waardigheid, bediening en betrekking daaronder begrepen) binnen liet Rijk uitoefenen;

c. anders dan als aandeelhouder deelgereclitigd zijn in de opbrengst van een bedrijf of beroep, dat binnen het Rijk wordt uitgeoefend.

Artikel 3.

Belastingplichtig wegens vermeerdering van winst zijn:

1°. de binnen het Rijk gevestigde naamlooze vennootschappen, commanditaire vennootschappen op aandeelen, coöperatieve en andere vereenigingen en onderlinge verzekeringmaatschappijen;

2°. de binnen het Rijk gevestigde reederijen;

3°. de binnen het Rijk gevestigde stichtingen, die een bedrijf of beroep uitoefenen;

4°. de niet binnen het Rijk gevestigde lichamen, die verkeeren in een der gevallen, in artikel 2 onder de letters a, b en c vermeld.

■Hl

Sluiten