Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VADA,dienstmaagd.Jav. padang, kookster, z.a.v.dienstmaagd(Lakon Palasara 34).

Vai, rog(visch). Mal. pari, Tag., Bis.,Ibn. pagi, Day. pahi, Amb. en Ceram hari, ali, Bur. hale, N. J. pe (uit pa'i).

Vaka-, prefix. M. P. p ak a-; zie bl. 288 hiervóór.

Vakarota, zie Ro 2.

VAKAYARE, van eene ziekte beter worden ; zie YAREA.

vakota, vastnagelen; i-vako, nagel, spijker. Mal., o. en n. J., Tag., Tombul., Tond., Sea, Ponos., Mong, Day. paku, spijker. Detis ingelascht.

vala, veivala, vechten. Vgl. O. en N. J. suwala, vechten, kampen, gevormd uit su, synoniem met F. vei, en een in 't Jav. verloren, in 't F. bewaard gebleven wala; vgl. ten aanzien der vorming, Jav. sulaya, en O. J. masudakëtan = masidakëtan, aan elkander grenzend.

Vale, (gewest, b a 1 e), huis. M. P. w a 1 a i.

Valu, oorlogen; veivaluti, met elkander kloppen, Hoogd. sich klopfen, Fransch se battre. M. P. pal u, slaan.

VANA, schieten. O. J., Mal., Day. panah, boog, pijl, schot; Sumb., Mak., Bug. pana, boog; Tag. pana, Bis. pana, pijl en boog, daarmee schieten.

Vanua, land. M. P. w a n u a.

VANGON-A, opwekken. Tag.,Bis.,O.J.,Mal. bangun, Mong.wangon. oprijzen, opstaan, ontwaken ; Day. mamangun, oprichten, bouwen; welke laatste beteekenis de oorspronkelijke eenheid van bangun met O. enN.I. wan gun, gestalte, figuur (Skr. samsthana) enz., Tombul. wan gun, fraai, Jav. wangunan, bouw, in 't licht stelt; met wangun is rechtstreeks F. YANGO te vergelijken.

VANGKA, teerkost voor de reis. Zie NGKA 2.

VAROTA, vijlen, raspen. Jav., Mal. parut, rasp, raspen; Day. wrijven; Bis. palut, afschrapen, raspen. Vgl. echter ook Jav. barut (wanspelling: barud), schrammen, schaven, krabben.

VASA, dicht bijeen gedrongen. Jav. pasëk, 'tz. Sak als andere uitspraak van sëk, F. oso, komt ook in 't Jav. voor in 't nagenoeg synonieme s ë s a k, naast s ë s ë k.

* 1. VATA, gelijk, altegader. O. j-panta, groep, troep. Sund. panta, rang, volgorde; N. J. ponta = O. J. monta, in groepen verdeelen. F. m a t a heeft de waarde van een subst. gekregen.

* 2. VATA, rek, schap, halfzolder. Iban, batangan, solera de la casa; Tag., Bis, b a t a n g, balk; eene media, en wel een met de d verwisselbare klank, is in t overgegaan.

VATU, steen, rots. M. P. watu.

vatu-vatu, steenachtig. Hier vervult de verdubbeling van den stam

Sluiten