Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met ty, want etymologisch is j meermalen ontstaan door palataliseering van t. Dey komt overeen met onze j. Daar de volkomen noodelooze afwijking van 't gewone gebruik slechts verwarring sticht, zal ik in 't vervolg denvervangen door^; de^door ng.

De klinkers en tweeklanken hebben dezelfde uitspraak als in onze taal, met de volgende uitzonderingen. Van u wordt t. a. p. gezegd dat ze klinkt als de Engelsche n in «rule; when unaccented, like n in sun.» Jammer dat men ten gevolge dezer aanduiding van twee geheel verschillende klanken door één letterteeken meermalen in twijfel verkeert welke van de twee klanken bedoeld is, want een regel voor de plaatsing van 't accent ontbreekt. Van de e u heet het t. a. p. dat ze de uitspraak heeft van de «win kutikin; of o o in soot, in 't Schotsch.s Hierdoor wordt men niet veel wijzer, want er bestaan niet minder dan zeven verschillende uitspraken van soot in Schotland 1, hetgeen de Rev. Inglis, hoewel hij zelf een Schot is, blijkbaar niet weet. Volgens Murray in 't Engelsch Wdb. o. c u t i c i n wordt de u hierin uitgesproken als onze u in open lettergrepen. Vergelijkt men nu de spelling A n e i t e u m , dan zou men geneigd zijn het besluit te trekken dat bedoeld is de klank onzer e u of wel onzer u, zooals de klinker van 't Eng. soo t in een deel van Schotland wordt uitgesproken. Hoe het zij, in allen geval is in 't A. de klank daardoor ontstaan dat eene e in een lettergreep den invloed heeft ondergaan van een u in de volgende lettergreep; de e u is dus de uUmlaut eener e. Voor de taalvergelijking komt het dus op de juiste uitspraak hier minder aan.

Uit het boven opgegeven alfabet blijkt dat het A. geenszins arm aan klanken is. Ten opzichte der veranderingen, welke 't lichaam der woorden in verloop van tijd allengskens ondergaan heeft, kan en moet men tot richtsnoerbij 't vergelijken van den taalschat met dien in de verwante talen eenige algemeene regelen, om niet te spreken van wetten, vaststellen. Wien het alleen te doen is om juist den toestand te beschrijven, waarin een taal zich tegenwoordig bevindt, kan volstaan met een zuivere vermelding der waargenomen feiten, maar wie een taal van een vergelijkend standpunt beschouwen wil, moet trachten zich een voorstelling te maken van de historische ontwikkeling dier taal.

Een eerste hoofdregel, dien men uit de beschouwing van den woordenschat kan opmaken, is dat het A. reeds in een vroeger tijdperk de oude eindmedeklinkers heeft verwaarloosd, behalve j, /, h, die soms bewaard zijn, als ook ngvoor m, enp, als verharding van b of v\in een volgend tijdperk heeft het de eindklinkers, onverschillig of ze oorspronkelijk waren dan wel door 't wegvallen van een sluitenden medeklinker sluiters geworden, afgeworpen,

1 Volgens Wright, Engl. Dial. Grammar, 1905.

Sluiten