Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De oudste onder de Grieksche schrijvers, bij wien men den naam van Java vermeld vindt, is Claudius Ptolemaeus. Het aardrijkskundig werk van dezen Alexandrijnschen sterrekundige, 't welk tusschen 151 en 165naChr. moet vervaardigd zijn,1 behelst in het 7de Boek, aan het einde van het 2de Hoofdstuk het bericht, dat Iabadiu een zeer vruchtbaar eiland is en veel goud oplevert, dat de hoofdstad, aan het westelijk uiteinde gelegen, Argyre (d. i. Zilverstad) heette, en dat de beteekenis des naams Iabadiu is: gersteneiland. Deze naamsverklaring is inderdaad juist, want y ava is in 't Sanskrit «gerst», en diu is het Prakritsche woord dïvu, hetwelk o.a. ook voorkomt in Malediven, Lakkhediven, Diu, Diu-Sokotera. De naam van het eiland in zuiver Sanskrit luidt Yava-dvïpa. De vorm, welke den Alexandrijnschen aardrijkskundige ter ooren was gekomen, was die der volkstaal, en dit is zeer natuurlijk, dewijl in zijne eeuw het Sanskrit, gelijk men weet, niet meer door het volk gesproken werd. Het verdient echter opmerking, dat Ptolemaeus den vorm lava, en niet Java (spreek uit: Dzjawa), gehoord had, want in de toenmalige en hedendaagsche volkstalen (één tongval uitgezonderd), heeft de y van 't Skr. als beginletter de uitspraak van dzj aangenomen. Het Iabadiu van Ptolemaeus is dus een halfSanskritsche, half Prakritsche vorm, zooals bijv. ook Taprobane, dat in zuiver Skr. Tamraparnï heet, in volledig ontwikkeld Prakrit echter Tambabani; als het ware halfweg tusschen beide in staat de in Europa doorgedrongene vorm Taprobane.

Uit de opgaven omtrent de ligging van Iaba-diu bij Ptolemaeus blijkt geenszins met zekerheid, dat juist ons Java, of enkel Java, bedoeld is. Het schijnt althans vreemd, dat Ptolemaeus niets zou vernomen hebben aangaande zoo'n uitgestrekt eiland als Sumatra, waarop de Indische kooplieden toch zeker op zijn minst even lang handel gedreven hadden als op Java. Deze bedenking tracht Lassen 2 te ontzenuwen door aan te voeren, dat de Chinees Fa-Hian in 414 na Chr. op zijne terugreis van Indië naarChinahet eiland Jefo-thi, d. i. Yavadiu, bezocht en aldaar veel Brahmanen gevestigd vond. Doch hieruit volgt nog niet, dat Jefo-thi, Yava-dlu, juist Java of uitsluitend Java aanduidt; Sumatra kan evenzeer in aanmerking komen. Wel is waar is Java, zoover we weten, steeds het middelpunt der uitheemsche Hindusche beschaving geweest, doch Sumatra had hierin ook een aandeel.

1 Zie Lassen, Indische Altertkumskunde, III (1858) bl 95

' Indische Alt. II (1852), bl. 1012. - (Verg. den 2» verm. en verb. druk van dit dl. II, 1874, p. 1061—1062. Noot van 1916)

20

Sluiten