Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mijn dappere makker zei: „Nu zal ik u toonen hoe wij ons leven kunnen rekken, tot wij de kudden ontmoeten." Wij hadden juist ons kamp voor dien nacht opgeslagen bij een kleinen vijver; nergens was een levend wezen te bespeuren, zelfs geen vogel, en wij konden toch mijlen ver de prairiën overzien. Wat denk jullie dat wij gedaan hebben?" En Dan sloeg een vragenden blik op de hem omringende gezichten.

„Wormen gegeten, net als de wilden van Australië," veronderstelde Rob.

„Gras of bladen gekookt," voegde mevrouw Bhaer er bij.

„Je maag misschien wel gevuld met leem, zooals ik van een zekeren negerstam gelezen heb," opperde mijnheer Bhaer.

„Een van de paarden geslacht!" riep Ted, die zich een souper in de wildernis niet zonder wildbraad kon voorstellen.

„Neen; maar wij hebben een van hen adergelaten; kijk, op deze plek; wij vulden er een tinnen kroes mee, deden er water en een paar bladen wilde salie bij, en kookten het op een vuur van doode takken. Het smaakte goed, en wij hebben er heerlijk op geslapen.

„Octoo niet, denk ik," zei Josie, het dier streelend, met een medelijdend gezicht.

„Die heeft er niets van geweten. De Zwarte Havik zei, dat wij verscheiden dagen achtereen op de paarden zouden kunnen teren en doorreizen, zonder dat zij er last van hadden. Maar den volgenden morgen kwamen wij een troep buffels tegen, en schoot ik dien, waarvan ik den kop in mijn. koffer heb meegebracht, om voor gangversiering te dienen. Hij ziet er uit om kleine kinderen naar bed te jagen Een baas hoor!"

„Waar dient deze riem voor?" vroeg Ted, die druk bezig was het Indiaansche zadel, den enkelen teugel, den neusriem en lasso te onderzoeken en den leeren band om den nek van het paard, die hem op de vraag bracht.

„Daar houden wij ons aan vast, wanneer wij langs de zijde van het paard hangen, die van den vijand is afgekeerd en in vollen ren onder den nek doorvuren. Ik zal het je wijzen!" Dan sprong in den zadel en de trappen

Sluiten