Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Als Nan heeft toegegeven, vergeef ik het haar nooit!"

„Zij niet; het is een ander meisje."

Tom zette zoo'n grappig gezicht, toen hij dit zei, dat het onmogelijk was niet te lachen; want hij keek niet alleen onnoozel en verheugd, maar tegelijk bezorgd en verlegen.

„Ik ben blij; werkelijk erg blij!'tKan mij niet schelen, wie zij is; ik hoop je gauw getrouwd te zien. En biecht nu eens alles op," beval tante Jo, zoo opgelucht, dat zij zich in staat gevoelde nu zelfs het onmogelijke te vernemen.

„Wat zal Nan wel zeggen?" vroeg Tom, min of meer uit het veld geslagen, nu zijn netelige toestand zoo kalm werd opgenomen.

„Zij zal blij zijn eindelijk van de lastige mug ontslagen te wezen, die zoo vervelend lang om haar heen heeft gegonsd. Maak je niet bezorgd over Nan. Wie is dat andere meisje?"

„Heeft Demy niet over haar geschreven?"

„Niet anders dan dat je te Quito een juffrouw West hebt omvergereden. Mij dunkt dit was al „pekel" genoeg.

„Dat was nog maar het begin van een reeks ongelukken. Ik zit ook altijd in het hoekje waar de slagen vallen. Na het arme meisje een tuimeling te hebben laten maken, moest ik haar natuurlijk eenige beleefdheden bewijzen, niet waar? Iedereen scheen er althans zoo over te denken; ik kon niet wegkomen, en was verloren, eer ik het zelf wist. Het is alles Demy's schuld; hij verkoos absoluut Ie blijven en kieken te maken, omdat er zulke mooie punten zijn en alle meisjes hun portret wilden hebben. Kijk eens, Moeder — als u wilt ? Zoo brachten we onzen tijd door, wanneer we niet aan het tennissen waren;" en Tom haalde een handvol photographieën uit den zak en vertoonde er verscheiden waarop hij de eereplaats innam, nu eens een parasol boven het hoofd houdend van een mooie jonge dame op de rotsen, dan weer aan haar voeten rustend in het gras, of boven op de balustrade eener veranda gezeten, in gezelschap van andere paren in zomertoileften en bevallige houdingen.

„Dat is, „zij" natuurlijk?" vroeg tante Jo, op de zwierige jonge dame wijzend, die een flatteus hoedje op had, coquette laarsjes droeg en een racket in de hand hield.

„Dat is Dora! Is ze niet mooi?" vroeg Tom, een

Sluiten