Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar het vaderland, toen Emil zijn vrienden in teedere handen zag, zijn mannen onder hun makkers, de geschiedenis van de schipbreuk vertellende, toen dacht hij pas aan zichzelf. De smakelijke geur der soep, die voorbij werd gebracht naar de kajuit voor de dames, herinnerde hem dat hij was uitgehongerd, en een plotselinge duizeling verried zijn zwakte. Hij werd onmiddellijk weggedragen om half begraven te worden onder vriendelijke zorg, en nadat hij gekleed, gevoed en opgefrischt was, liet men hem verder uitrusten. Juist toen de scheepsdokter de hut wilde verlaten, vroeg hij met zijn gebroken slem: „Welke dag is het? Mijn hoofd is zoo wonderlijk — ik heb mijn bestek verloren."

„Eerste Kerstdag, beste kerel! En we zullen je een echt Nieuw-Engelsch diner voorzetten, als je er trek in hebt," antwoordde de dokter hartelijk.

Maar Emil was te uitgeput om iets anders te kunnen doen dan stil liggen en een dankgebed opzenden, inniger dan ooit te voren, voor het gezegend behoud van zijn leven, nog in waarde gestegen door een gevoel van volbrachten plicht.

HOOFDSTUK XII. Dan's Kerstfeest.

Waar was Dan? — In de gevangenis.

Arme tante Jo ! hoe zou haar hart vaneen zijn gescheurd, tiad zij geweten, dat, toen het oude Plumfield in kerstvreugde schitterde, haar jongen alleen zat in zijn cel, trachtend het kleine boekje te lezen, dat zij hem gegeven had, met oogen nu en dan verduisterd door tranen, die geen lichamelijk lijden hem ooit hadden kunnen afpersen, «n met heimwee in het hart terugdenkend aan alles wat hij verloren had.

Sluiten