Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liberalen niet de belooning vonden die zij bet recht hadden voor hunne bewezene diensten te verwachten, daar zelfs hun vader, don Gregorio de Irala, zijn leven voor het vaderland en de vrijheid had opgeofferd, hadden zij geen andere toevlucht dan zich in Texas te vestigen, het nieuwe land van belofte, waar zij hun verloren fortuin hoopten te herstellen.

Dank zij hunne grondige kennis van den landbouw, en hun doorzicht in geldzaken, wisten zij spoedig aan hunne kolonie eene aanzienlijke uitbreiding te geven, ten spijt van de Roodhuiden, de bisons, de stormen en de ziekten die hen van tijd tot tijd bedreigden, en zagen zij hunne zaken met blijdschap van dag tot dag in bloei toenemen.

De haciënda del Papagallo (Papegaaien-hoeve) door de beide broeders bewoond, was, als alle andere hofsteden in deze streek, gedurig aan de invallen der wilden blootgesteld, en om deze reden als een soort van vesting, van gehouwen steen gebouwd, en met dikke gecreneleerde muren omgeven; op iederen hoek stond een stuk geschut geplant, en het geheele huis lag op een vrij hoogen heuvel, vanwaar men het gansche land kon overzien en de omliggende vlakte beheerschen.

Don Pacheco, de oudste der broeders, was gehuwd en had twee kinderen, bekoorlijke kleine meisjes, nauwelijks twee of drie jaar oud, wier lustig gekraai en verrukkende lachjes de gansche haciënda vervroolijkten.

Nauwelijks drie mijlen van deze landhoeve, lag eene andere, het eigendom van Noord-Amerikanen, een soort van landloopers van hoogst dubbelzinnig gedrag, die niemand wist vanwaar zij gekomen waren en die sedert zij hier woonden een zeer geheimzinnig leven leidden, dat tot allerlei vreemde en tegenstrijdige geruchten ten hunnen laste had aanleiding gegeven.

Men vertelde elkander, dat deze lieden, die zich den schijn gaven van stille landbouwers te zijn, betrekkingen met allerlei soort van roovers en vrijbuiters, waarvan het in deze streken zoo vol is, onderhielden, en dat zij zelfs aan het hoofd stonden eener geheimzinnige vereeniging van geduchte boosdoeners, die reeds verscheidene jaren ongestraft het land afliepen en ontvolkten.

Meermalen reeds hadden de twee broeders met deze gevaarlijke buren overhoop gelegen, over vermist rundvee of andere dergelijke zaken. Kortom, zij leefden met hen op een voet van ge wapenden vrede.

Eenige dagen voor het tijdstip waarmede dit hoofdstuk begint, had don Pacheco met een der Noord-Amerikanen een hevige woordenwisseling, ter zake van een paar slaven die de Amerikanen van de haciënda had weten te troonen, tengevolge van welke don Pacheco, die zeer levendig van aard was, in een oogenblik van drift, den Amerikaan een fermen slag met de karwats had toegebracht.

Laatstgenoemde had over dezen hoon niet dadelijk wraak ge-

Sluiten