Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„en vertel me dan eens, hoe onze kinderen het maken."

Trilneusje lachte.

„Onze kinderen, wat klinkt dat deftig. En ze zijn nog zoo heelemaal niets dan kleine, kale ratjes, die nog niets kunnen, dan eten en slapen."

„Het zijn toch onze kinderen," zei haar man, „en ze zullen ons nog zorg genoeg geven, voor dat ze als volwassen konijnen heelemaal op zich zelf zullen kunnen staan."

„Lieve deugd, wat kijk je ernstig! Maar je hebt gelijk, zoo vijf jongens op te voeden is geen gekheid. Voor ons kleine meisje ben ik niet bang, meisjes zijn zooveel zoeter dan jongens."

Sluiten