Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

burgerlijk vonnis, geldt hetzelfde als in no. 64 hiervóór is gezegd omtrent het gezag van het civiele vonnis in het strafproces. — Zijn de partijen wèl dezelfde, dan is de lijdelijkheid des burgerlijken rechters m. i. geen reden het bindend gezag van het burgerlijk vonnis ook voor den administratieven rechter te ontkennen, zoolang de wet daartoe niet dwingt; vgl. hiervóór p. 333—334 jis. p. 280 met nt. 1 en p. 292.

Hetzelfde geldt m. i. ten opzichte van het gezag van het civiele vonnis, ingeroepen voor de administratie, voor zoover deze niet tegenover partijen een zelfstandig gemeenschapsrecht pretendeert. Is dit laatste wèl het geval, dan staat de administiatie gelijk met elk ander derde, en is zij dus, óók in een opvolgend proces, gerechtigd het vroegere vonnis als voor de rechtsverhouding der toenmalige gedingvoerenden in waarheid constitutief te beschouwen. Zij behoeft zich dan ook b.v. in registratiezaken niet neer te leggen bij de kwalifikatie eener rechtshandeling door den burgerlijken rechter, misschien wel tengevolge van samenspanning der partijen verkregen. Vgl. Beknatzik, Rechtsprechung.... p. 245—246. — Overigens kan de Registratie zich beroepen tegenover de vroegere procespartijen op het voor deze gewezen burgerlijk vonnis, hetzij de nieuwe zaak dient voor den civielen, hetzij voor den administratieven rechter. Zoo, ten aanzien van het burgerlijk geding, implicite de conclusie O. M. vóór H. R. 27 Mei 1870 W. 3215, v. d. Hon. Z. R. S. 5 p. 372. — Doch de rechter, voor zoover niet lijdelijk, behoeft hierin niet mee te gaan; vgl. hiervóór p. 283 v. o.

De vraag doet zich voor, welke hier de invloed is der relativiteit van het burgerlijK; vonnis. Wat daaromtrent p. 332—333 hiervóór is gezegd ten aanzien van den strafrechter, geldt ook zoowel voor diens administratieven collega als voor de administratie. In het daar besproken geval van ontzegging eener eigendomsvordering zal dus de administratie den verliezer van het civiele proces b.v. toch kunnen aanslaan in de grondbelasting, als zij het vonnis een gevolg acht van verkeerde procesvoering, of het voor onjuist houdt. Vooral bij de laatste eventualiteit zou dit

Sluiten