Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

d. Houdt men het voorafgaande in het oog, dan is het duidelijk, dat de strekking tot negatie van alle administratieve rechtspraak van de administratie onafhankelijk, — ook is gelegen in het reeds hierdoor veroordeelde argument van H. Krabbe, De burgerlijke Staatsdienst in Nederl., diss. Leiden 1883 p. 267—270, dat n.1. de beoordeeling van bestuursdaden aan de rechterlijke macht niet toekomt, omdat zij in deze staat tegenover een met haar gelijkwaardig Staatsorgaan. Wel is waar wordt t. a. p. niet elke zoodanige beoordeeling den rechter ontzegd, maar de uiteenzetting aldaar (waarbij vgl. v. Sarwey, Das öffentl. Recht p. 100—101) is verre van duidelijk. Ook wordt op de p. 268 1.1. gestelde vragen geen afdoend antwoord gegeven. Trouwens schijnt met het oog op Krabbe's latere geschriften het vermoeden gewettigd dat hij het in zijn dissertatie op dit punt gezegde thans niet meer zal beamen. — Vgl. ook hieronder sub e en ƒ, alsmede Alg. Begins. XIX no. 9.

e. De meening dat, is het den rechter geoorloofd de rechtmatigheid van bestuursdaden te beoordeelen, hij daardoor boven de administratie zou komen te staan (vgl. hiervóór p. 415 v. o.), is m. i. onjuist evenals de zienswijs dat hij zich dan zou gaan stellen op de plaats der administratie. Alsof, wie een daad van de administratie beoordeelt, daarmee zelf zulk een daad zou verrichten! En wat het eerste betreft, dit heeft slechts zin, als men er mee wil zeggen: de rechterlijke macht is niet als rechter over de administratie gesteld. Maar dat gaat niet op, waar de wet den rechter competent verklaart ook voor gedingen, in welke de administratie partij . is, gelijk bij ons het geval is, naar de uitlegging van art. 2 R. O. door de jurisprudentie gehuldigd. Ygl. ook L. v. Stein, Die Verwaltungslehre 1(1869) p. 403-409, speciaal p. 405 v. b. — Beide zooeven bestreden opvattingen berusten m. i. op een miskenning van het karakter der rechtspraak. Deze is, naar het mij toeschijnt, in burgerlijke en administratieve geschillen slechts de onpartijdige beoordeeling en bindende vaststelling van bestaande rechten en verplichtingen (rechtsverhoudingen) hetzij der individuen onderling, hetzij van de Staats-

Sluiten