Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Inleid, icet R. 0.

— Alg. Begins. XX.

705

§ 3.

Invloed door verandering der wetgeving, regelend de vatbaarheid van een vonnis vóór nadere voorziening, uitgeoefend ten aanzien van vonnissen, gewezen in vóór die verandering aangevangen gedingen.

13. Een wetsbepaling, die zonder meer een bepaalde soort van vonnissen, tot dusver niet appellabel, vatbaar verklaart voor höoger beroep, wordt niet geschonden door een beslissing, welke baar, op gronden ontleend aan algemeene beginselen van overgangsrecht, niet toepasselijk oordeelt op vonnissen, gewezen na het in werking treden dier bepaling, in een daarvóór aangevangen procedure. Die beslissing betrof in deze zaak alleen de vraag, welken invloed bedoelde wetsbepaling had op de verdere behandeling van een te voren ingediend verzoekschrift (n.1. tot nietigverklaring van een fabrieksmerk). Art. 4 wet Alg. Bep. kan niet zijn geschonden, daar het niet toepassen der nieuwe wet haar zeker geen terugwerkende kracht kan hebben toegekend. De vraag, zooals zij zich in deze zaak voordeed, was zuiver van transitoir recht. Tot haar beantwoording boden noch artt. 12bis en 30 der Merkenwet van 1904 Stbl. 284, noch artt. 2 en 4 wet Alg. Bep. de noodige gegevens, zoodat, bij gemis van eenige stellige wetsbepaling, die beantwoording terecht uit de algemeene rechtsbeginselen is afgeleid. — Zoo virtualiter H. R. 5 Okt. 1905 W. 8281, R.spr. 201 § 2, P. v. J. 490 '), de cassatie verwerpend tegen Hof 's Grav. 14 Juni 1905 W. 8234, P. v. J. 456. Dit laatste arrest had ongeveer aldus overwogen: Naar algemeene rechtsbeginselen zijn de proceshandelingen in haar vollen omvang, van de dagvaarding (of verzoekschrift) tot aan de eindbeslissing, voorzoover de wet niet anders bepaalt, of omstandigheden het niet onmogelijk maken, onderworpen aan de wet, geldend bij het

!) Cf. concl. O. M., waarin werd aangenomen het voor partijen in een, volgens de bij den aanvang van liet geding geldende wet, niet appellabele zaak, op gemeld tijdstip ontstaand recht tot uitspraak door den rechter in hoogste ressort. Vgl. daaromtrent R. Mag. 1913 p. 242 j°. -1912 p. 124-125.

45

Sluiten