Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor haar en haar de zwakke plaatsen in haar hart had willen aantoonen.

Zij was nog zeer onder den indruk van zijn vermaningen.

Toen nog even naar haar eigen kamer met tante Gonda en

Godelieve....

— 't Is tijd, Roswitha," riep haar vader.

Nu was het binnenplein ook vol. Allen uit de kapel waren er, zij juichten haar en haar vader toe.

Grooter en slanker leek zij in haar engsluitend reiskleed, het platte mutsje van donkerblauw- en zilverlaken, waaronder de anders weerbarstige krullende haren waren geborgen, eng langs

kruin en slapen.

Janna vergoot tranen van ontroering bij het zien van haar jonkvrouw, die met een plechtigheid nog niet gezien op het jonge gelaat, veler handen drukte, in de rondte groette, jonkvrouw Gonda en Godelieve vaarwel kuste en nu naast haar vader Freia naderde en besteeg.

Zij leven hoog!" bruiste het op toen de stoet zich in

beweging zette en den weg bergaf volgde.

Jonkvrouw Gonda en Godelieve waren op den omgang van de hoofdpoort geklommen om hen na te kijken zoolang zij konden.

Bij de eerste kromming van den weg keken ridder Dagobert

en Roswitha om Dat gaf van beide zijden nog een lang

gewuif met hand en zakdoek.

Roswitha voelde haar hart week worden. Zij moest de lippen op elkaar drukken om tranen terug te houden.

Het genot zou maar half zijn zonder die twee.

Godelieve had zich een rustig plekje uitgezocht in jonkvrouw Gonda's tuin. Roswitha's afscheid was haar nog zwaarder gevallen dan zij had vermoed.

Sluiten