Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het kon versterking van bezetting zijn. Terugkeer van benden na den slag. Een convooi van gevangenen.

Maar de drukte in den burcht geleek meer en meer op onrust.

Hoornseinen werden gewisseld. Op het binnenplein werd het al levendiger en levendiger. Knechten met voet en armboog kwamen voorbij. Bevelen schalden. Nu en dan een oploop van nieuwsgierigen onder de burchtzaten, uiteengejaagd door een der krijgslieden van hoogeren rang.

Ridder Dagobert sloot het venster op een kier en trad zoo ver terug dat hij, ongezien, volgen kon wat verder gebeurde.

Het eene uur na het andere verliep zonder dat hij het bemerkte bij dat ingespannen toezien. Kelders aan den overkant werden geopend; stapels huiden daaruit gehaald en de daken der houten stallingen daarmede bedekt; vaten werden aangerold, met water gevuld en daarnaast opgesteld; manden met zware steenen opgehoopt en naar boven geheschen; groote kisten naar de poortgang gesjord....

Toebereidselen tot het afweren van een bestorming!

Dat vage gerucht van buiten, van een aangroeiende menigte dat beduidde geen versterking van den burcht, maar aanval en vernietiging.

Hij twijfelde niet meer.

— Niet vergeten!.... Zijn trouw niet verdacht! Bevrijding mogelijk!

Hoe en wanneer ? Dat waren vragen niet op te lossen. Daar lag nog veel tusschen nu en het oogenblik van verzet. En zijn leven was in handen van zijn bewakers.

Hij wist het maar al te goed.

Doch alles verbleekte voor dat ééne: zijn bevrijding.

Hij boog hoofd en knie in ééne overgave aan dankbare ontroering.

Ridder Dagoberts vensters bleven gesloten de volgende

Sluiten