Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De jongens zaten in de militaire auto, die reeds trilde en schokte onder 't werken van den motor. Breede bundels van felle stralen verlichtten den weg en de militairen, die toekeken. — De schaduwen der heen en weer drentelende mannen gleden spookachtig langs de schelverlichte boschjes en de kleine lantaarns bij 't wachthuis leken verre sterren in een donkeren nacht. — Ze meenden in een droom te leven en wisten niet goed meer, of ze nog altijd op dezelfde wereld waren; zóóveel dingen hadden ze nu al achter elkaar ondervonden. Maar dat ze nu veilig waren en zeker thuis zouden komen, dat wisten ze en 't maakte hen rustig.

Frits voelde onbedwingbaar den slaap weer opkomen. Hij herinnerde zich heel duidelijk nóg eens zoo n toestand te hebben beleefd. — Maar t licht kwam toen van rosse fakkels en walmende lampen. En 't gewoel van menschen en de kermispret langs tal van tenten en kramen had hem toen vermoeid en eindelijk slaperig gemaakt. Op den arm van z n oom, met het hoofd op diens schouder, was hij te midden van de drukte zoetjes aan ingeslapen. — 't Was al jaren geleden gebeurd, maar hij zag nu in een zelfden donkeren nacht het felle licht en het geroezemoes weer. Dezelfde vermoeidheid overmande hem en met een gerustheid zooals toen, liet hij zich terzijde zakken en rustte tegen den arm der vrouw naast hem. Hij voelde nog hoe de auto plotseling voortschokte, maar de oogleden waren te zwaar

Sluiten