Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nikolaas. Zijn gedrag heeft mij zeer verwonderd! Was X ikolaas Korpanoff wel zijn eigenlijke naam? Zijt ge er wel zeker van mijn kind?"

„Waarom zou hij mij dienaangaande bedrogen hebben?" antwoordde Nadia.

Doch Marfa Strogoff door eene soort van voorgevoel gedreven, deed Nadia vraag op vraag.

„Gij hebt mij gezegd dat hij onverschrokken was! Gij hebt mij bewezen dat hij zulks was!" zeide zij.

„Ja, onverschrokken! het was een leeuw, een held," antwoordde Nadia.

„Dat zou mijn zoon ook geweest zijn," zeide Marfa Strogoff telkens bij zich zelve.

„Maar intusschen zegt gij dat hij in het posthuis te Ichem eene verschrikkelijke beleediging verdragen heeft?"

„Die heeft hij verdragen!" antwoordde Nadia, haar hoofd latende hangen.

„Hij heeft ze verdragen?" mompelde Marfa Strogoff bevende.

„Moeder! Moeder!" riep Nadia uit, „veroordeel hem niet. Er zit een geheim achter, een geheim, waarover God alleen op dit oogenblik oordeelen kan!"

„En," zeide Marfa, terwijl zij het hoofd ophief en Nadia aankeek alsof zij tot in het binnenste van hare ziel wilde lezen, „hebt gij op het oogenblik dier vernedering, dien Nikolaas Korpanoff niet veracht?"

„Ik heb hem bewonderd zonder hem te begrijpen," antwoordde het meisje.

De oude vrouw zweeg een oogenblik.

„Hij was lang?" vroeg zij daarna.

„Zeer lang."

„En zeer knap, is 't niet? Kom, spreek mijn kind."

„Hij was zeer knap," antwoordde Nadia blozend.

„Het was mijn zoon! Ik zeg u dat het mijn zoon was!" riep de oude vrouw uit, Nadia omhelzende.

„Uw zoon!" antwoordde Nadia geheel verstomd, „uw zoon!"

„Kom!" zeide Marfa, „vertel voort, mijn kind! Uw makker, uw vriend, uw beschermer, hij had een moeder! Heeft hij u nooit van zijne moeder gesproken?"

„Van zijne moeder?" zeide Nadia. ,,Hij heeft mij van zijne moeder gesproken, zooals ik hem dikwijls van mijn vader gesproken heb! Die moeder, hij aanbad ze!"

„Nadia, Nadia! Gij vertelt me daar de geheele geschiedenis van mijn zoon," zeide de oude vrouw.

En zij voegde er opeens bij:

„Had hij haar dan niet moeten bezoeken toen hij door Omsk trók, die moeder, die hij, naar uw zeggen, zoo beminde?"

„Neen," antwoordde Nadia, „neen, dat moest hij niet. "

Sluiten