Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich, ten zijnen aanzien, te houden hadden, ook wat zijne werkelijke hoedanigheid betrof.

Michael Strogoff nam een snel besluit.

„Nadia," zeide hij, ,,zoodra die Franschman en die Engelschman scheep zullen zijn, verzoek hen dan om bij mij te komen."

Inderdaad waren het Harry Blount en Alcide Jolivet, die, even als Michael Strogoff, niet door het toeval, maar door den drang der gebeurtenissen naar de haven van Livenitchnaïa gedreven waren.

Men weet dat ze, na den intocht der Tartaren te Tomsk te hebben bijgewoond, vertrokken waren vóór de wreede terechtstelling, die het feest besloot. Zij twijfelden er dus niet aan of hun makker was ter dood gebracht; dat hij op last van den emir blind was gemaakt, wisten ze niet.

Na zich van paarden voorzien te hebben, hadden zij dienzelfden avond Tomsk verlaten, met het vaste voornemen om voortaan hunne berichten uit de Russische legerplaatsen in Oost-Siberië te dagteekenen.

Alcide Jolivet en Harry Blount begaven zich met versnelden marsch naar Irkoetsk. Zij hoopten er Feofar-Khan voor te zijn en zouden zulks ook geweest zijn, zonder de plotselinge verschijning van de derde, uit de zuidelijke streken der Jeneseï-vallei aanrukkende kolonne. Evenals Michael Strogoff werden zij afgesneden vóór zij de Dinka bereikten en moesten zij daarom weder tot aan het meer Baïkal afzakken.

Toen zij te Livenitchnaïa aankwamen, vonden zij de haven reeds ledig. Van eene andere zijde konden zij Irkoetsk niet bereiken, dat door de Tartaren reeds omsingeld was. Zij vertoefden er dus reeds drie dagen in groote verlegenheid, toen het vlot aankwam.

Het oogmerk der vluchtelingen werd hun toen medegedeeld. Zeker was er wel kans om gedurende den nacht door te sluipen en binnen Irkoetsk te komen. Ze besloten dus de zaak te beproeven.

Alcide Jolivet stelde zich dadelijk met den ouden schipper in betrekking en vroeg hem overtocht van zijn makker en hem, met aanbod eiken prijs, dien hij eischte, te zullen betalen.

„Hier wordt niet betaald," antwoordde de oude schipper op ernstigen toon, „men waagt zijn leven, en daarmee uit."

De beide dagbladschrijvers kwamen aan boord en Nadia zag hen plaatsnemen op het voorste gedeelte van het vlot.

Harry Blount was nog steeds de koele Engelschman die haar, gedurende den overtocht van het Oeral-gebergte, nauwelijks een woord had toegesproken.

Alcide Jolivet scheen iets ernstiger dan gewoonlijk en het valt niet te ontkennen dat zijn ernst door de omstandigheden wel gerechtvaardigd was.

Alcide Jolivet zat dus voor op het vlot, toen hij eene hand op zijn arm voelde.

Sluiten