Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rodman dienden. Zij waren in allen deele geschikt voor het doel en leverden de beste waarborgen voor het goed gelukken der gieting.

Daags nadat het metsel- en het graafwerk voltooid waren, liet Barbicane aan den binnenvorm beginnen. In het midden van den kuil moest een cylinder komen van 900 voet hoogte en 9 voet dikte, juist de grootte van de ziel der Columbiad. Deze cylinder was vervaardigd uit een mengsel van leemaarde en zand, onder bijvoeging van hooi en stroo. De ruimte tusschen dezen vorm en het metselwerk moest worden gevuld door het gesmolten ijzer, ter dikte alzoo van 6 voet.

Om dezen cylinder in evenwicht te houden, moest hij vastgezet worden met ijzeren ankers, van afstand tot afstand naar het muurwerk schietende; deze ankers zouden bij het gieten tusschen de gesmolten gietmassa geraken; maar dat hinderde niets.

»Dat gietfeest zal een schoone plechtigheid zijn," sprak Maston tot zijn vriend Barbicane.

«Voorzeker," antwoordde deze, maar geen publiek feest."

»Hoe ?" vroeg Maston, »zult gij de hekken in de afpaling niet voor iedereen openzetten?"

»Ik zal er wel op passen, Maston; het gieten van de Columbiad is een moeilijk, om niet te zeggen gevaarlijk werk; ik wil het liever met de deuren dicht doen. Als het projectiel wegvliegt, mag men feestvieren zooveel men wil, maar nu niet."

De voorzitter had gelijk; het werk kon onvoorziene gevaren opleveren, het verhelpen waarvan een groote toevloed aanschouwers licht hinderen zou. Men moest vrij blijven in alle bewegingen. Niemand werd dus binnen de omheining toegelaten, met uitzondering van een commissie uit de leden der Gun-club, daartoe overgekomen. Zij bestond uit den vroolijken Bilsby, Tom Hunter, kolonel Blomsberry, majoor Elphiston, generaal Morgan en nog eenige anderen. Maston had zich belast met de taak om hen te geleiden en alles te laten zien: magazijnen, werkplaatsen, machines, ja al de 1200 ovens, den eenen na den anderen. Juist op den middag moest het gieten aanvangen; den vorigen dag was elke oven gevuld met 50.000 kilo ijzer aan baren; de noodige zorg voor den vrijen luchtstroom was gedragen. Sedert den morgen braakten de 1200 schoorsteenen hun vlam en rook; de grond trilde van doffe schuddingen.

De hitte werd weldra ondraaglijk binnen den kring der ovens, waarvan het trekken een gerommel als van den donder deed hooren, dat gevoegd bij het fluiten van vele luchtkokers, die zuurstof naar de geweldige vuren joegen, een helsche harmonie vormde.

Zou het gieten hoop op goeden uitslag geven, dan moest het met snelheid geschieden. Op het teeken van een kanonschot moest iedere oven zich openen en het vloeibaar metaal volkomen in den kuil uitstorten.

Sluiten