Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»Het gaat hier goed," merkte Nicholl aan.

»'k Geloof het wel!" riep Michel Ardan uit. »Als wij maar een weinigje Aardsche aarde op ons aluminium planeetje konden uitstrooien, wed ik dat wij in 24 uren doperwten kweekten. Ik ben maar voor één ding bang: dat de wanden zullen gaan smelten."

»Wees niet bezorgd, mijn waarde vriend," stelde Barbicane hem gerust, »het projectiel heeft wel een andere hitte doorgestaan toen het door de lagen van den dampkring der Aarde schoot. Het zou mij zelfs niet verwonderen indien het zich aan de oogen der bewoners Van Florida voordeed als een gloeiende bol."

»Maar dan zal Maston denken, dat wij gebraden worden ?"

»'t Verwondert mij genoeg, dat dit al niet lang gebeurd is," meende Barbicane. »Het is een gevaar, dat wij verzuimd hebben te voorzien."

»Ik was er wel bang voor," antwoordde Nicholl droogjes.

»En gij hebt ons daar niets van gezegd, mijnheer de kapitein!" riep Michel Ardan uit.

Onder dit gesprek bracht Barbicane alles in het vertrekje zoo in orde alsof hij het nimmer dacht te verlaten. Men herinnert zich dat het op den bodem een oppervlakte had van 54 vierkante voeten. Daar het 12 voet binnenwerks hoog was, had men geen last van de instrumenten en andere voorwerpen. Alles had zijn plaats en was uit den weg. Ook het glas in den bodem was sterk genoeg om een zwaar voorwerp te dragen. Barbicane en zijn vrienden stonden er dan ook gerust op; maar de zon scheen er onmiddellijk op en dat gaf zonderlinge luchtverschijnselen.

Zij begonnen met het nazien van den waterhouder en de kist met levensmiddelen. Deze hadden niets geleden, zoo goed was alles verzorgd tegen den schok. Levensmiddelen waren er in overvloed: voor een jaar met hun drieën. Barbicane had zich willen voorbereiden op het geval, dat het projectiel eens op een volkomen onvruchtbaar gedeelte der maan zou terechtkomen. Groot behoefde evenwel, naar 't scheen, de vrees daarvoor niet te zijn, want volgens de laatste waarnemingen heeft de maan een wel lagen, maar dikken dampkring, ten minste in de dalen, zoodat daar beken en bronnen niet konden ontbreken. En daar nu ook voor twee maanden water en brandewijn »aan boord" was, behoefden de reizigers vooreerst niet beducht te zijn dat zij aan het noodige gebrek zouden krijgen.

Maar nu nog de luchtverversching. Doch ook daaromtrent alle zekerheid. De toestel van Reiset en Regnaut tot het voortbrengen van zuurstof was voorzien van potasch-chloraat voor twee maanden. Noodwendig werd een zekere hoeveelheid gas verbruikt, want het moest de voortbrengende zelfstandigheid boven de 400 houden. Maar ook daarvan was voorraad genoeg. De toestel eischte slechts eenig

Sluiten