Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boven het water uit en blonk in de stralen der zon, alsof zij met zilveren platen beslagen was.

De commandant Blomsberry, Maston en de afgevaardigden der Gun-club waren op rolpaarden geklommen en gluurden naar het op de watervlakte dobberend voorwerp.

Allen zagen in koortsachtige spanning uit. Niemand sprak een woord. Niemand durfde de gedachte uitspreken die allen door de ziel vloog.

De korvet was tot op ruim twee kabellengten genaderd.

Een siddering voer door aller leden.

Het was de Amerikaansche vlag!

Op dit oogenblik hoorden de schepelingen een vreeslijk gebrul. Het was Maston, die een gil uitstiet en voor dood op den grond stortte. Vergetende dat zijn rechterarm door een ijzeren haak vervangen was en dat een geta-pertja kapje zijn hersenen bedekte, had hij zich een geduchten slag toegebracht.

Men snelde op hem toe en hief hem op. Tot zich zeiven gebracht riep hij uit: ^Stommelingen die wij zijn! Drie- en viermaal apen! Ellendelingen! Ezels!"

»Maar wat is er dan toch ?" riepen allen uit één mond.

»Wat er is?"

iMaar spreek dan toch!"

»Wat er is? Dat het projectiel nog geen 10,000 kilo weegt."

»En wat zou dat?"

Dat het een watergewicht van 28 ton verplaatst en bijgevolg dat het drijven moet.

Onbeschrijfbaar is de nadruk, dien de waardige man op het woord »drijven" legde. En het was ook zoo! Allen, ja allen hadden zij de waterweegkundige wet vergeten, dat het projectiel, na door de kracht van den val tot in de diepte van den oceaan gedoken te zijn, onfeilbaar weder naar de oppervlakte moest rijzen. En nu dreef het zachtjes op den oceaan....

Sloepen werden gestreken; Maston en zijn vrienden sprongen er in. De spanning klom ten top. Aller harten klopten hoorbaar, terwijl de vletten naar het projectiel roeiden. Wat.zou het bevatten? Levenden of dooden? Levenden, ja! Levenden, indien namelijk Barbicane en de anderen niet waren omgekomen nadat zij die vlag hadden geplant!

De diepste stilte heerschte in de sloepen. Alle inzittenden hielden den adem in. Hun vochtige oogen zagen niets meer. Een der venstertjes was open. Eenige stukjes glas, die in de sponning waren blijven zitten, bewezen dat het stukgestooten was. Dat venstertje bevond zich vijf voet boven den waterspiegel.

Een sloep naderde, die waarin Maston stond. Hij keek in de opening....

Op datzelfde oogenblik hoorden zij een heldere stem, ze was van

Sluiten