Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

P. 346.

P. 346, reg. 3 v. b. is te lezen: was met art. 26 aanhef der wet op het Lager Onderwijs van 1878, —stond

P. 346, reg. 10—11 v. b. — In plaats van „art. 26 (nu nos. 9 en 10)" lees: het toenmalige art. 26

P. 348, reg 1 v. b. — Na „XVII" toe te voegen: no. 4 onder b.

P. 348, reg. 4 v. o. — Bij „94" een noot: Het boven bij Inl. p. 321 vermelde arr. H. R. van 1893 betrof naar de voorstelling in de concl. O. M. niet bloot een door het administratief gezag goedgekeurde verordening, maar eene waarvan dat gezag bij die goedkeuring de wettigheid had aangenomen in adminish atiefrechterlik geschil. M. i. was er hierbij materieel geen administratieve rechtspraak, al waren de vormen daarvan bij de goedkeuring in acht te nemen en al werden zij in acht genomen.

P. 349, reg. 3 v. b. i. f. in te voegen: Eveneens het bij Inl. p. 321 en 348 vermelde arrest H. R. van 1893.

P. 349, no. 79 i. f. — Schepel 2e dr. (1927) p. 198—199.

79 A. Al neemt men aan dat in den regel de goedkeuring eener verordening door hooger gezag het rechterlijk toetsingsrecht ten opzichte van de wettigheid dier verordening niet uitsluit, toch kan een ander stelsel voor een bepaalde kategorie van gevallen zijn af te leiden uit een speciale wet. Maar dan moet worden aangetoond dat die wet de strekking heeft niet bloot de doelmatigheidsvraag, doch ook de wettigheidsvraag te onttrekken aan de beoordeeling door de rechterlijke macht. Met betrekking tot de Onteigeningsicet (nu tekst 1922 Stbl. 25) heeft H. R. 10 Jan. 1916 W. 10033, N. J. 1916 p. 262, W. P. N. R. 2420 (casseerend Rb. Groningen 26 Nov. 1915 W. 9864) den rechter het onderzoek ontzegd van de vraag, of wettig is een door de Kroon goedgekeurd Raadsbesluit tot onteigening in het belang der volkshuisvesting. Dit ingevolge het in de Onteigeningswet gekozen stelsel. Bij dat breed gemotiveerde arrest van 1916 zie 1° H. R. 26 Aug. 1927 W. 11719 p i_2, N. J. 1927 p. 1206 (op het eerste cassatiemiddel) en 2° H. R. 5 Juni 1914 W. 9695, N. J. 1914 p. 833, W. P. N. R.

Sluiten