Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tflj

P. 392.

Inzender in W. 9468. Het Amsterdamsche arrest is gecasseerd door H. R. 13 Maart 1914 W. 9667, N. J. 1914 p. 614, G.st. 3291 (7°), W. B. A. 3418. De H. R. hield met het oog op het bedoelde reglement het plaatsen op den legger voor inbreuk op den eigendom.

P. 393, reg. 12 v. b. — Na „arresten van" in te voegen: 31 Dec. 1900 W. 7541, P. v. J. 156

P. 393, reg. 9 v. o. — Toevoeging: Rb. Deventer 9 of 16 Maart 1864 W. 2616, R. B. 1865 p. 108; Rb. Heerenveen 12 Dec. 1913 N. J. 1915 p. 27 en in appèl Hof Leeuwarden 13 Jan. 1915 W. 9777 en 9819, N. J. 1916 p. 1049, W. B. A. 3460 (vaarwater); implicite nog Rb. 's-Hertogenbosch 24 Okt. 1913 W. 9667 en Rb. Middelburg 17 Okt. 1917 W. 10218, N. J. 1918 p. 535. Ten aanzien van het niet staan op den legger vgl. Rb. Utrecht 30 Maart 1927 W. 11774, N. J. 1927 p. 1161.

P. 394, reg. 7 v. b. — Na „Verder" in te voegen: Lohman (bij Inl. p. 363 geciteerd); v. Doorninck in R. Mag. 1908 p. 555—561 jis p. 539—555 (vgl. boven bij Inl. p. 358); Gombault in T. v. S. 27 p. 52—130, waarbij vgl. R. F(eith) in W. 9861 p. 3 kol. 2—3 en v. Praag in Themis 1922 p. 318 noot; Staal in N. J. bl. 2 p. 194—196;

P. 394, reg. 18. — Na „W. B. A." in te voegen: 1124 p. 1 kol. 2,

P. 394, reg. 17 v. o. — Na „1808" in te voegen: , 2106 p. 2, 3460—3462,

P. 394, reg. 8 v. o. — Toevoeging: In België heeft Hof Brussel 6 Febr. 1908 Pas. beige 1908. 2. 250 (253 kol. 1) voor de openbaarheid van een weg gebondenheid van den burgerlijken rechter aan de leggers aangenomen.

P. 394, reg. 2 v. o. — Na „geoorloofd?" in te voegen: Vgl. ook, ai had dit arrest geen betrekking op leggers, H. R. 10 Febr. 1913 W. 9466 p. 1—2, N. J. 1913 p. 658, G.st. 3222 (5°), W.B.A. 3349 en over de uitlegging van dat arrest Vtteinga in W. 9849 p. 3 kol. 1. Voor de Utrechtsche leggers zie concl. O. M. vóór H. R. 13 Maart 1914 W. 9667, N. J. 1914 p. 614 en noot 1

Sluiten