Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

P. 642.

ter verzekering, enz.) — Maar als een wetsbepaling (art. 22 wet 1865 Stbl. 61, tekst 1903 Stbl. 149) voorschrijft dat een hulp- of leerling-apotheker „alleen onder toezicht" van een apotheker, enz. mag werkzaam zijn (waarmee toezicht als regel is vooropgesteld), dan is niet i. c. o. de beslissing die voldoende acht dat er eenig toezicht, hoe gering ook, is gehouden: H. R. 28 Okt. 1929 W. 12051 p. 2- 3, N. J. 1930 p. 7 (implicite, de concl. O. M. uitdrukkelijk).

P. 642 reg. 13 v. b. — Na „H. R." in te voegen: 28 April 1930 N. J. 1930 p. 842.

P. 642 reg. 11 v. o. — Toevoeging: d. De beslissing der vraag, of bevelen en maatregelen van hoofd of bestuurder eener onderneming voldoende zijn om aan te nemen dat daarop toepasselijk is art. 76 der Arbeidswet 1919, is i. c. o.

H. R. 4 Nov. 1929 W. 12051 p. 4—5, N. J. 1929 p. 1662 (implicite).

P. 642 reg. 4 v. o. — Na „38." in te voegen: a. — reg. 1 v. o. — Toevoeging: b. Aangaande het voldoende zijn eener gestelde zekerheid zie H. R. 6 Maart 1925 W. 11431, N. J. 1925 p. 554.

P. 643 reg. 17 v. o. — Na „p. 509" in te voegen: Zie ookH. R. 2 Jan. 1925 W. 11431, N. J. 1925 p. 343.

P. 644 reg. 4 v. b. — Na „D no. 3" in te voegen: Zie voor art. 359 lid 3 Sv. H. R. 29 Nov. 1926 W. 11624, N. J. 1927 p. 43 en daarbij Red. en v. Hasselt in W. 11627 p. 8 kol. 1, 11634 p. 8. Voorts H. R. 2 Mei 1927 W. 11694 p. 2 kol. 2—3, N. J. 1927 p. 768; 16 Mei 1927 W. 11690 p. 2—4, N. J. 1927 p. 906; 17 Okt. 1927 W. 11738 p. 3-4, N. J. 1927 p. 1446, laatstbedoeld arrest overwegend dat het den feitelijken rechter moet worden overgelaten of een andere redengeving dan de gebezigde door den inhoud der bewijsmiddelen onmogelijk is.

P. 645 reg. 2 v. b. — Toevoeging: e. De beslissing der vraag of zekere bewering (b.v. van niet meedeeling der feiten, waarop een oordeel berust) voldoende is tegengesproken, is i. c. o.

H. R. 7 Jan. 1926 W. 11457 p. 1 kol. 1-2, N. J. 1926 p. 258

Sluiten