Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Blz.

HOOFDSTUK III. — Verschillende beteeke-

nissen van het woord verbintenis. indeeling van verbintenissen.

§ 25. Rechtsbetrekking en verbintenis 33

„ 26. De debiteur moet reeds vóór de uitvoering de daartoe noodige maatregelen nemen 34

27. Indeeling naar verschillende kenmerken 36

28. Verbintenissen om te geven en om te doen. ... 37

HOOFDSTUK IV. — Nakoming, veroordeeling

tot nakoming, mogelijkheid van dwang tot nakoming, surrogaten van nakoming.

29. Vordering tot nakoming. Veroordeeling tot nakoming altijd, ten uitvoerlegging niet altijd mogelijk. 39

30. Niet mogelijk is rechtstreeksche dwang tot nakoming van een verbintenis om te doen door den debiteur; bij verbintenis om te geven wèl 40

„ 31. Feitelijke levering ondanks den debiteur; eigen aankoop door den crediteur van het verschuldigde . . 41 „ 32. Is daartoe altijd een bevel ex art. 1277 noodig?. . 42 „ 33. Wanneer is een beroep op de artt. 1276 en 1277

noodig? 43

„34. Kan een vonnis de plaats van een acte innemen ? . 43 '„ 35. Sommatie, aan vordering tot nakoming voorafgaande, nooit noodig, doch soms nuttig 46

HOOFDSTUK V. — Verzuim. „36. Verzuim; begin van het verzuim; ingebrekestelling. 48 "„ 37. Ook schadevergoeding in plaats van de hoofdverplichting kan worden gevraagd . . 5°

t> 38—41. Wanneer ingebrekestelling onnoodig? .... 50

„ 42. De rol van den cassatierechter in dit opzicht . . 53 ,' 43 Verzuim is slechts dan een vereischte voor verplichting tot schadevergoeding, indien deze verplichting

een subsidiaire is 53

„ 44. Vorm der ingebrekestelling 53

„ 45. Inhoud der ingebrekestelling 55

„ 46. Afstand van recht op schadevergoeding 58

„47. Is zuivering van het verzuim mogelijk? 58

„ 48. Gevolgen van het verzuim 59

„ 49. Aanhangsel: het z.g. verzuim van den schuldeischer "°

Sluiten