Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IX

TOEN Rambaldo Fittipaldi dit briefje ontving, was hij in zijn kleine kantoortje, waarin zich den ganschen voormiddag nog geen cliënt had laten zien, juist bezig om met behulp van een eigen kabbalistiek het goede nummer voor „II Lotto" van deze week samen te stellen; als grondgetallen nam hij daarvoor het snel genoteerde nummer van de huurcarozza, die hem vanmorgen had aangereden en (gelukkig slechts licht) ten val gebracht, verder het getal zes en vijftig („la caduta fa cinquanta-seil") en het nummer van zijn belastingbiljet, dat hij zoojuist met een nieuwe aanmaning thuisgestuurd had gekregen. In den ongewoon hoogen deeler, dien de drie getallen bleken op te leveren, lag een belofte. En deze belofte ging op andere wijze dan hij verwacht had reeds dadelijk in vervulling toen Carlo de post bracht.

De oude Carlo, die al sedert jaren deze wijk had, telde vele jonge en hoopvolle „pagbetti" onder zijn vaste klanten; hij wist, dat niemand gretiger zijn post tegemoet zag dan deze halfwassen knapen, die allen er op wachtten tot Het Wonder in hun leven zou treden en hun fortuin en eer brengen. „La posta per u' prufessore!" placht hij reeds in het onoogehjke portaal van het hooge, verwaarloosde huis te roepen - en dan dook om drie deuren tegelijk een hoofd te voorschijn en

Sluiten