Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

huurcarozza's); ditmaal riep hij dus echter een taxi aan en gaf den chauffeur opdracht om hem met den meesten spoed naar de Via dei Tribunah te brengen, waar de Sardijnsche slager woonde. Door een gezegend toeval zag hij in het voorbijrijden het heele groepje crediteuren juist in het café del Duomo verdwijnen. Hij betaalde, holde naar binnen, ging recht op het tafeltje af, waar de mannen zich neerzetten, moegezwetst en terneergeslagen na hun opwinding van daarstraks, en om een cinzano riepen. Rambaldo zei den reeds weer wegdravenden kellner, hem een cappuccino te brengen, en stelde zich daarop aan de hem verwonderd aanstarenden voor als de gevolmachtigde van Signor Direttore Sturm.

Ferrazzo haastte zich, het jonge en eigenwijze broekje maar meteen elke illusie te ontnemen. „Het faillissement is zoojuist aangevraagd," deelde hij hem mee. „Als je daar soms nog voor kwam?"

„Het faillissement beschouwen we als een voldongen feit. Ik kom alleen nog maar over de verdere levering praten," zei Rambaldo en klopte op zijn actentasch, alsof daar goud in zat. „Het is niet meer dan behoorlijk, dat jullie tot aan den dag van de openbare veiling voortgaan te leveren."

De Sardijn stootte een rauwen lach uit en keek van nu aan geamuseerd naar deze nieuwe figuur in het tooneelstuk, waarin, naar zijn eigen meening, tot nu toe alleen hij de belachelijke rol had gespeeld. „Ja, praat daar eens over, paghetta," hoonde hij.

Rambaldo opende zwijgend zijn geheimzinnige actentasch en legde als eenig antwoord, niet zonder een zekere gewichtigheid, de verklaring van Gottfried Sturm op het smerige marmeren tafeltje; de kellner nam

Sluiten