Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kleinzoon van Rebbe Jossef van vaderszijde, een achterkleinzoon van Rebbe Akiba Rabbinowitsch van moederszijde . . . een kleinzoon van een geleerde .. . een achterkleinzoon van een martelaar ... en weggejaagd van het seminarium als een misdadiger, versmeten en vergooid als een rotte appel. . . (smartelijk het voorhoofd met de hand omklemmend) Nooit. . . nooit . . . nooit zal ik dat begrijpen . . . zoo'n vroom kind als hij was, zoo'n vroom jongetje ... hij kende den heelen Thora uit z'n hoofd, toen hij dertien jaar was, toen hij barmitswe werd ... en letterlijk smeeken en bidden deed hij, om te mogen vasten op Joum Kippoer. . . weet je wel hoe hij kon staan kijken, als we in de loofhut zaten en de Sjammes die kwam rond met den gelen cederappel ... en met de beekwilgen . . . en met de palmtakken . . . hoe hij hem tegemoet liep, hoe hij hem den trommel uit de handen rukte, en snoof, snoof aan den appel. ,,Ze ruiken naar Palestina", riep hij, toen hij acht of tien jaar oud was. En den winter daarna, als de cederappels verschrompeld waren dan had hij de zijne nog. Ze kregen er elk een, Josef kreeg er een en hij kreeg er een. Dan was die van Josef weg, die was allang weg, Josef had geen nagedachte . . . Josef kreeg op school om de veertien dagen een pak ransel. Maar Daniël, die zat zoo'n heelen Sjabbesmiddag te spelen met zoo'n ding ... en te vertellen in zich zelf. . . uren kon hij zitten kijken op de prentjes in zijn Hagodo . . . van de Roode Zee, en van de tien plagen ... en van den onnoozele, die niets te vragen had. De Hagodo had hij gekregen van oude Rebbe Itzik. Rebbe Itzik had altijd plezier in dien jongen, die wou hem zelf klaar maken voor Rabbijn, maar de jongen wou leeren, die wou

Sluiten