Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boerdery, al is de hoofdindeeling daaraan stellig verwant. Door verschillende verbouwingen is het geveltype, vooral door de nieuwere deur- en raamvormen, sterk gewijzigd en het heeft nu zonder veel pretentie het karakter gekregen van den 19en eeuwschen bouwstijl.

Door de rustige deur- en raamverdeeling, die goed harmonieert met de muurvlakken en door het hoogopgaande gevelgedeelte, met het als een dwarsvleugel aansluitende lagere gedeelte, waarboven mooie rieten daken in elkander vloeien, maakt de goed in het gezicht vallende breede voorgevel, gemetseld in licht-oranjekleurige baksteen en versierd met vele gesmede gevelankers, een gunstigen, statigen indruk.

Een opkamer heeft het woonhuis niet, doch ik vermoed, dat die er in vroegere jaren wel is geweest en bij latere verbouwing is komen te vervallen. Alle vertrekken van den beganegrond liggen echter zoo hoog boven het niveau van den openbaren weg, dat daaronder een groote dubbele overwelfde kelder gemakkelijk kon worden aangebracht, waarvan de toegang zich in de keuken bevindt.

Ook deze overwelfde kelder wijst er op, dat wij hier te doen hebben met een bouwwerk dat oorspronkelijk stellig uit de 17e eeuw moet dateeren.

Op een der zware, oude zolderbalken van het woonhuis is een geschilderd lint aanwezig, waarop voorkomt: Antonie Hendriks, 1630. Zeer waarschijnlijk wijst dit op het stichtingsjaar van deze solide en goed onderhouden hofstede, welke, vrij dicht bij de kom van het dorp gelegen, een aantrekkelijk geheel vormt.

Recht tegenover deze boerderij, dus aan de oostzijde van de Kerkstraat, daar waar wij nu eenige kampen weiland te zien krijgen, stond eertijds een oud, vervallen, doch schilderachtig bouwwerk, dat bekend was als „Het Jagthuys van de graven van Egmond".

De stichting van dit jachthuis, die blijkens oude voorgevelankers moet vallen tusschen 1600 en 1610, werd toegeschreven aan den bekenden Lamoraal graaf van Egmond. Daar deze echter in 1568 met den graaf van Hoorne door Alva ter dood veroordeeld en in Brussel meedoogenloos werd onthoofd, kan het niet anders of dit bouwwerk moet door een zijner zoons of nakomelingen gesticht zijn.

De graven van Egmond hadden in de Beijerlanden, gelegen in de Hoeksche Waard, aan de overzijde der Oude

Sluiten