Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gekweekt." En elders zegt het vonnis nog eens: „de verbouwer mag het merk van den kweeker niet gebruiken. Kirsche's Ideaal, aanvankelijk ingeschreven handelsmerk voor een bepaalde soort zaad, wordt niet soortnaam bij den nabouw."

Wij vestigen de aandacht op de cursief gedrukte woorden. De handeling van den kweeker kan op meerdere wijzen beschouwd worden; daar ieder produkt een naam moet hebben, is het mogelijk dat de kweeker slechts naamgeving bedoelt met zijn handeling en niet meer; is dat het geval, dan kan hij zich op de merkenwet niet beroepen. Bij het gebruik van den naam moet blijken, dat hij de bedoeling heeft zijn produkt onder dien naam als merk te verkoopen; het handelsmerk moet aangeven „de betrekking van het zaad tot het bedrijf, waarin het werd gekweekt." Dit kan niet duidelijker blijken dan uit de inschrijving op het Merkenbureau. De practijk is trouwens naar wij meenen ook, dat de Officier van Justitie slechts dan tot vervolging wegens het gebruik van een iemand niet toekomend merk overgaat, wanneer dat betreffende merk ingeschreven is.

Molengraaff (Leidraad, 6e druk, p. 112) en Ph. Allfeld (Kommentar zu den Gesetzen über das gewerbliche Urheberrecht, p. 458) denken hierover anders. Zij volgen de redeneering dat het merk ten doel heeft, onderscheidingsteeken te zijn en dat uit art. 3 der Merkenwet volgt, dat deze functie beslissend is voor zijn bestaan; is het merk niet meer in staat de in art. 3 geëischte functie te vervullen, dan is het geen merk meer. Maar Allfeld verzacht de consequentie, door er op te wijzen, dat dit gevolg slechts intreedt door inactiviteit van den rechthebbende, die er voor zorgen kan met behulp van den rechter dat zijn merk niet tot soortnaam wordt.

Tegen dit standpunt valt in te brengen, dat op deze wijze juist alle succesvolle woordmerken geëlimineerd zouden worden. De hartewensch van eiken schepper van een nieuw produkt is dat zijn schepping bij den door hem gegeven naam bekend zal raken en alleen bij dien naam. Daarvan zou dus in deze redeneering het gevolg zijn, dat het woordmerk juist in die gevallen automatisch verloren zou gaan; dit schijnt moeilijk met het doel der wet in overeenstemming te brengen.

4

Sluiten