Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stellen, dat het nieuwe produkt op de door hem geoctrooieerde wijze is verkregen, natuurlijk behoudens tegenbewijs. Doch in weerwil hiervan klaagt men bij het nijverheidsoctrooi steen en been over de moeilijkheden, die het meebrengt om zijn rechten te handhaven. In het Rapport der Commissie, benoemd door het Bestuur der Advocaten-Vereeniging omtrent herziening der Octrooi wet (Advocatenblad, 1932, p. 1) lezen wij op p. 10:

De ervaring leert, dat het in vele gevallen voor een octrooihouder moeilijk, zoo niet onmogelijk is om inbreuk op zijn octrooi te constateeren, ook al heeft hij gegronde vermoedens, dat zoodanige inbreuk geregeld plaats heeft. In sommige gevallen wordt een octrooi dientengevolge practisch waardeloos.

De Commissie acht het daarom noodzakelijk, dat den octrooihouder middelen gegeven worden om inbreuk te constateeren op plaatsen, waar hij naar het gemeene recht geen toegang heeft of kan verkrijgen. Zulke middelen vergen echter — naar in het oog springt — ernstige waarborgen tegen misbruik. — De Commissie meent dus dat de octrooihouder slechts dan de gelegenheid mag worden gegeven om te doen vaststellen, wat op afgesloten plaatsen van anderen geschiedt, indien gebleken is, dat een redelijke mate van waarschijnlijkheid bestaat, dat inbreuk op een octrooirecht zal kunnen worden geconstateerd. Daarom bepaalde zij dat zulke plaatsen slechts mogen worden betreden, na verkregen verlof van den Voorzitter der Rechtbank, die voor hij dat verlof geeft, de deskundige bijzitters, waarover hierboven gesproken is, indien deze zijn benoemd, zal behooren te raadplegen, enz. —

Het uitlokken der rechterlijke machtiging en het daarvan gemaakte gebruik kan het karakter dragen eener onrechtmatige daad, zoowel omdat later blijken kan, dat zij zonder grond was gevraagd of gebruikt, alsook door de wijze, waarop zij werd gebruikt. In verband hiermee is aan den President de bevoegdheid toegekend het verlof niet te verleenen, dan met bevel tot zekerheidsstelling.

De Commissie achtte echter nog regeling van een ander aan den octrooihouder toe te kennen conservatoir rechtsmiddel noodig. De octrooihouders zal naar haar meening ook in de gelegenheid moeten zijn om voortbrengselen of een stof in strijd met zijn octrooi tot stand gekomen of

Sluiten