Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

peesch conflict naar aanleiding van den moord geloofd, toen de door de keizerlijk-koninklijke Regeering in haar ultimatum gestelde eischen bekend werden betrok de politieke horizon van Europa snel. Oostenrijk stelde namelijk ook een eisch, dien Servië (en dat wist, dat wilde men in Weenen) moest weigeren, omdat, zooals Prof. Struycken zegt, „zijne politieke zelfstandigheid als souvereine staat daarmede zou verloren gaan" 1.

De dan volgende week is geladen van spanning. Want geen der leidende staatslieden kan zich ontveinzen, dat Rusland niet gelaten zal toezien, wanneer Servië onder den voet wordt geloopen — en Ruslands ingrijpen in een oorlog moet bij de bestaande verbonden onvermijdelijk ook Centraal- en West-Europa meesleuren.

Naast en tegen elkaar werken in deze tragische week diplomatieke en militaire invloeden. Met name de Engelsche minister van buitenlandsche zaken, sir Edward Grey, spant zieh tot het uiterste in om het conflict tusschen Oostenrijk en Servië door arbitrage te doen oplossen. Maar de sleutel dei positie ligt in Rerlijn; alleen afdoende pressie der Duitsclie Regeering op den oorlogszuchtigen bondgenoot kan Oostenrijk tot inkeer brengen en deze pressie wordt laat en onvoldoende uitgeoefend.

Juist een maand na den aanslag van Serajevo, op 28 Juli, verklaart Oostenrijk den oorlog aan Servië; daags daarna wordt Relgrado gebombardeerd. Algemeen verwacht men. dat de stad weldra in handen der Oostenrijkers zal vallen, maaide chef van den Oostenrijkschen generalen staf verbiedt een verdere beschieting der Servische hoofdstad als zijnde „überflüssig und völkerrechtswidrig". Het ware wellicht voor het behoud van den vrede beter geweest, wanneer de militaire leiders der Donaumonarchie hun plannen tegen Servië hadden gebaseerd op een onmiddellijke bezetting van Belgrado (in den geest van het Duitsche plan tegen Luik); in het bezit van een dergelijk „Faustpfand" zou het Berchtold moeilijker zijn gevallen de voorstellen tot een bemiddelende conferentie

1 Verzamelde Werken van Prof. Mr A. A. H. Struycken, deel II. Volkenrecht (Arnhem 1925) p. 45.

Sluiten