Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toegevoegd in Yb. of in plaats van nederlandsche vormen uit Rt. vinden we:

certeyn. (Rt. in trouwe.)

destineren.

festeeren.

gracie. (Rt. ere.)

hystorie. (Rt. liet.)

Correspondeerende romaansche spelling of vorm, zijn:

met reverencie. (Rt. met minne).

gescoffiert.

valleye. (Rt. dal.)

vermaledijt (Rt. verdomet).

victorie. (Rt. zege.)

yuwelen.

woorden, soms afwijkend in

abt — abt. fransois — fransoeis.

bannieren — banieren. marberijn — morben.

baroene — baroene. portenare — portier.

bliaut — bliaut. roche (rootse, roetse) — roetse.

campioen (kempe) — campenioen. sorcors — secours.

casteel (burch, kuus) — casteel. soudane — soudanen.

cierheit — chierheit.

couverturen — couverturen, coffertuer.

De frequentie en de aard der romaansche woorden in Vb. blijkt uit de alphabetische lijst betreffende het overige gedeelte van het Volksboek, die ik hierachter laat volgen x).

D. Depraefig eering der werkwoorden neemt, vergeleken bij Et., in Yb. toe. Verschillende mnl. werkwoorden hebben blijkbaar iets van hun kracht verloren en krijgen in Vb. een praefix toegevoegd; ook wordt het praefix „ge" door „ver" vervangen :

wondert > verwondert, lielsten > omhelsten, volgen > navolgen, horde > verhorde, genomen > angenomen, gelinget — verlangen, gehort > verhoert.

Het praefix „ge" verdwijnt in: gereden > reden, gevaen > vanghen. Met afwijking in het praefix vinden we: upgeven > overgeven, opgeleit > beleit, verrechten > berechten.

Zooals herhaaldeüjk een Vf. verbonden met een adverbium in Vb. wordt verduidelijkt met behulp van een voorzetselbepaling 2), vinden we ook een voorbeeld van een gepraefigeerd adverbium, dat in Vb. vervangen wordt door een voorzetsel-

1) Zie Aanhangsel, blz. 129.

2) vgL § 23.

Sluiten