Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI.

ZINNEN ZONDEE VEEBUM FINITUM.

De Vocatief.

j 24. Et. bevat 46, Vb. 45 vocatieven, waaronder 33 correspondeerende.

1°. Vb. heeft dus 12 voorbeelden, waarin Et. eenvocatief ontbreekt; deze komen voor, op één uitzondering na, in overigens geheel of nagenoeg overeenstemmende zinsverbanden. Het zijn zinnen in de directe rede, waar Vb. steeds een vocatief laat voorafgaan 1). De toevoeging van dezen beleefdheids-vocatief kan het affect der uiting verzwakken:

Rt. 192 „Nenic," seiti, „bi mire trouwe! Yb. 26.2 „Wairde vrouwe, ic seg u certeyn, enz. — Kt. 848 „Doet es u kemp© Goutier .Vb. 147.9 „Here coninck, u campenioen is verslegen".

Op één plaats correspondeert de zin in Vb., voorafgegaan door een vocatief, niet met Et.; de onafhankelijke indirecte rede in Et. is in Vb. vervangen door de directe rede met een „dierbaren" vocatief:

Rt. 938 Hi wildem geven gevaen, // So dat men enz. Yb. 148.15 Ende voert seide hi: „Myn geminde swager, ic weet dat ic die doot aen u wel verdient heb, ic wil gaerne gevangen in uwen handen gaen".

2°. Et. heeft 13 plaatsen met een vocatief, die in Vb. telkens ontbreekt. In drie gevallen is hiervan de oorzaak: omzetting van de directe in de indirecte rede, zoodat uiteraard de vocatief ontbreekt; viermaal missen we in Vb. een correspondeerende plaats. Vergeleken bij Et. richt de spreker in Vb. zich niet tot één persoon in: Et. 481 „Her Huge, ghi hebt wel geseit". Vb. 62.30 „Heer Huge heeft waer geseit. ^ In 2 gevallen bevat Et. twee vocatieven in een zinsverband, en Vb. één; in 3 zinnen wordt in Vb. het gebruik van een vocatief werkelijk vermeden. De bewerking zonder vocatief heeft tot gevolg, dat de spreker zich niet meer rechtstreeks tot iemand richt:

vgl. „Uitbreidingen in Vb", § 2.

Sluiten