Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

genoemden tak van industrie beschermd. Evenals zulks mutatis mutandis bij het gildemerk het geval was, was men dan veelal verplicht een merk aan te brengen en werden de producten gewoonlijk van overheidswege gecontroleerd. Langzamerhand kwamen meerdere dergelijke edicten tot stand, maar het waren steeds edicten ad hoe en van een merkenbescherming in het algemeen was geen sprake x).

3e merken- De eerste hier te lande geldende algemeene bepalingen jescher- Gp ^it gebied 2) dateeren uit den tijd der Fransche over^rd^j* heersching. Het waren de artikelen 16, 17 en 18 van de hier lens de te lande executoir verklaarde wet van 25 Germinal, An

Fransche jy 3\

>verheer- J •

sching. Zij luidden als volgt:

Art. 16. La contrefagon des marqués particulières que tout manufacturier ou artisan a le droit d'appliquer sur des objets de sa fabrication donnera lieu: i°. a des dommages-intérêts envers celui dont la marqué aura été contrefaite; 2°. k 1'application des peines prononcées contre le faux en écriture privée.

Art. 17. La marqué sera considérée comme contrefaite quand on y aura inséré ces mots: „fa<;on de . ." et a la suite le nom d'un autre fabricant et d'une autre ville.

Art. 18. Nul ne pourra former action en contrefagon de sa marqué s'il ne 1'a préalablement fait connaïtre d'une fagon légale par le dépot d'un modèle au greffe du tribunal de commerce d'oü relève le chef-lieu de la manufacture ou de 1'atelier.

Het behoeft wel geen betoog, dat het weinig moeite kostte eens anders merk na te maken of te vervalschen of een ander schade te berokkenen door inbreuk op zijn z.g. merkrecht en daarbij buiten het eng begrensde gebied van art. 17 te blijven.

Daarbij kwam, dat art. 142 Code Pénal 4) merkenvervalsching strafte met . . . réclusion, een straf, die in plaats

1 l) Vgl. Smits van Oyen „Het internationale recht der Fabrieks- en Handels¬

merken, volgens de thans geldende bepalingen". Acad. Prft. Leiden 1894, blz. 11 vlg. en Kohier t.a.pl., blz. 41 vlg.; Pouillet t.a.pl., blz. 8 vlg.

') Kappeyne van de Coppello bespreekt in zijn Proefschrift „Overzicht van de Geschiedenis en Jurisprudentie der Nederlandsche wetgeving op de Fabrieks- en Handelsmerken" (Leiden 1886) uitvoerig de periode na de Fransche overheersching, voor zoover het de positie der merken betreft en het ontstaan der wet van 1880; vgl. blz. 29 vlg.; Pouillet t.a.pl., blz. 9.

s) Hier te lande ingevoerd bij Keizerlijk Decreet van 8 November 1810 en in werking getreden 1 Januari 1811 voor het bij tractaat van 16 Maart 1810 bij Frankrijk ingelijfde gedeelte en voor het overige gedeelte bij Decreet van 6 Januari 1811, in werking getreden 1 Maart 1811 (Asser-Scholten, Algemeen deel, 1931, blz. 226).

4) Hier te lande ingevoerd bij dezelfde decreten als de wet van 25 Germinal An IX, genoemd in 3).

Sluiten