Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het recht op den handelsnaam is echter minder onpersoonlijk of absoluut dan het merkrecht. Een recht om met uitsluiting van anderen van een handelsnaam gebruik te maken (zooals de Merkenwet kent een recht om met uitsluiting van anderen van een merk gebruik te maken, zij het ook slechts voor bepaalde waren) kent de Handelsnaamwet niet, al geeft deze wet wel middelen om te voorkomen, dat door het gebruik van dezelfde handelsnamen door verschillende ondernemingen verwarring bij het publiek zou ontstaan; practisch komt dit trouwens wel ongeveer op hetzelfde neer.

>ctrooi en Het octrooi wijkt in vele opzichten belangrijk van het

nerii. merkrecht af. Het octrooi is het uitsluitend recht op een uitvinding, waarmede eenig resultaat is verkregen op het gebied van de nijverheid (artt. i en 3 Octrooiwet van 7 November 1910, S. 313). Het wordt op aanvrage verleend aan hem, die het eerst deze aanvrage indient en berust op het verrichten van een prestatie: het doen der uitvinding. Octrooien gelden slechts voor beperkten tijd (15 jaar, een termijn, die niet voor verlenging vatbaar is), omdat onbeperkte octrooiverleening een voor de vrije ontwikkeling van de industrie ongewenscht monopoliestelsel zou scheppen ; tevens motiveert men deze beperking met het argument, dat de voortschrijdende techniek op den duur vanzelf tot de uitvinding gekomen zou zijn x).

Het merkrecht op zichzelf (behoudens verval bij non usus gedurende drie jaar, blz. 99) noch het recht op den handelsnaam zijn aan tijd gebonden. De inschrijving van een merk is gedurende 20 jaar van kracht, maar kan telkens voor gelijken termijn vernieuwd worden. De overwegingen, die ertoe leidden het octrooi tot een slechts tijdelijk recht te maken, bestaan nóch voor het merk noch voor den handelsnaam; integendeel, werd het merk of de handelsnaam na verloop van tijd gemeengoed, de meest ongewenschte verwarring bij en wellicht misleiding van het publiek zou daaruit voortvloeien.

De octrooihouder heeft, behoudens enkele wettelijke beperkingen, tijdens den duur van het octrooi volledig eigendomsrecht daarop — voor zoover men althans van eigendomsrecht op een onlichamelijke zaak kan spreken —

*) Drucker, t.a.pl., blz. 42.

Sluiten