Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK V.

EISCHEN TE STELLEN AAN DE BESCHERMING VAN HET COLLECTIEVE MERK.

AFDEELING i.

Het Collectieve Merk in het Unieverdrag van Parijs 1).

Voorge- Op de Conferentie van Madrid ter herziening van de in schiedenis gesloten Conventie van Parijs, had de eerste gedachten-

X.art" wisseling plaats over de internationale bescherming der collectieve merken, en wel naar aanleiding van een amendement van België op het „Projet d'Arrangement concernant la répression des fausses indications de provenance", inhoudende o.a. het voorstel, om dit „arrangement" met de volgende bepaling aan te vullen:

Les marqués régionales, municipales ou collectives seront protégees au mêmctitre que les marqués individudies. Le dépot pourra en être^effec ué et 1'usurpation poursuivie par toute autorite, association ou particulier interesse ).

Men houde in het oog, dat het uitgangspunt der bepaling was om onware aanduidingen van herkomst tegen te gaan, hetgeen blijkt uit den titel van het „Projet". De onbeschermde collectieve herkomstmerken gaven in hooge mate aanleiding tot misbruik, waarvan men vooral in het buitenland nadeel ondervond.

Was dit artikel aldus opgenomen, dan zouden de con-

tracteerende landen verplicht zijn geweest:

i. om de inschrijving van de genoemde collectieve merken

toe te laten („seront protégées") 5 ..

2 om deze collectieve merken op dezelfde wijze te beschermen als de Conventie dit voor individueele merken bepaalde;

i) Zie o.a. Pr. Ind. 30 Juni 1917, blz. 73 vlg.; Pr. Ind. 30 Juni 1925, blz. 119 Vlg2-)' Actesedet faPConférence etc. de Madrid 1890, blz. 64, 75, 125.

Sluiten