Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B. 1898. Daar zooals wij boven, zagen, de regeling der gemengde huwelijken verre van gunstig was en tot vele moeilijkheden aanleiding had gegeven werd in 1898 een Algemeene Maatregel van Bestuur, houdende een reglement op de gemengde huwelijken, afgekondigd ). Tevens werd art. 15 Ov. en S. 1861 : 38 ingetrokken 2). Art 2 van dit reglement bepaalt, dat de vrouw die een gemengd huwelijk aangaat, staande huwelijk, publieken privaatrechtelijk den staat van haar man volgt. Door de voltrekking van haar huwelijk is de vrouw dus in een andere bevolkingsgroep overgegaan dan die, waarin zij behoort volgens het Regeerings-Reglement. De vrouw, die een zoodanig huwelijk aangaat, heeft geheel met haar oude omgeving gebroken, waarom er dan ook niets tegen is om haar den staat van haar man te doen volgen ). Volgens art. 3 behoudt de vrouw na de ontbinding van haar huwelijk den door haar gemengd huwelijk verkregen staat. Op dezen regel bestaan uitzonderingen, die in art. 4 worden behandeld. Zij verliest dien verkregen staat en „daarmede de bevoegdheden en verplichtingen, haar toekomende of op haar rustende krachtens het ingevolge dat huwelijk voor haar geldend recht , wanneer zij hertrouwt met een man, die aan een ander recht is onderworpen dan dat van haar vorigen echtgenoot. Blijft zij na de huwelijksontbinding echter ongehuwd, dan verliest zij haar verkregen staat alleen, wanneer zi)

]j3eigcmen1gde huwelijken welke hier voorkomen, kan men in twee

I^HuweHjken tusschen Europeanen en daarmede gelijkgestelden

(meest Indo-Europeanen) en inlanders van rang en aanzien. II. Huwelijken tusschen personen die, hoewel van Europeesc: e origine, bijna geheel als inlanders leven en gering* uUanders (Christenen)". (Praeadvies van Mr. H. Bakker, pag. •)

1) Deze regeling van de gemengde huwelijken (S. 18»8 . 1 > wordt doorMr. Kleintjes voor onwettig gehouden, oi^atzi, inbreuk zou maken op art. 109 Rr. (ook op art. 109 (nieuw)) .deze materie had bij de wet en niet bij algemeene maatregel van stuur moeten zijn geregeld. (Zie Mr. Kleintjes, Staatsinstellingen, I, 3e druk, pag. 92, 6e druk, pag. 118.)

2) Zie ook S. 1898 : 159.

3) Vgl. Praeadvies enz. Mr. v. d. Berg, pag. 41 en 57 e.v.

Sluiten