Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan woonruimten. Practische en geestelijke eischen. Practische eischen zijn de eischen van afmeting, licht en lucht, verwarming. Geestelijke eischen zijn die, welke zich bezig houden met de „sfeer". v

Sfeer is het tot uitdrukking komen van een geestelijk gehalte. Een gebouw zonder sfeer is slechts een technische prestatie. Bevat het daarboven iets, waardoor het ons ontroert, dan is het een kunstwerk, heeft sfeer. Een gebouw moet ons iets meedeelen van de ontroering, van de sfeer der omsloten ruimte. De geestelijke idealen, die in de omsloten ruimte leven, moeten ook naar buiten tot uitdrukking komen. Een gebouw drukt de eigenschappen der omsloten ruimte uit. De vormelijke en de geestelijke eigenschappen, in hun onderling verband.

Geestelijke waarden worden ons door de ruimte deelachtig, door bepaalde vormgeving, door bepaalde verhouding van lengte, breedte en hoogte. Alle eigenschappen der bouwkunst zijn terug te brengen tot de taal der drie afmetingen, de drie dimensies. Daarom spreekt men van bouwkunst als een driedimensionale kunst.

Een goed gebouw geeft ons dan ook altijd een inzicht in of een overzicht van zijn afmetingen. Dan pas heeft het een goede „plastiek". Komt een der afmetingen niet voldoende „door", dan voelen wij een gemis, het gebouw schijnt ons lichaamsloos, wi] krijgen een dun, coulisseachtig gevoel. Bijna alle plat afgedekte woningblokken, zoogenaamd modern, in de nieuwste wijken van onze groote steden, geven ons dat gevoel. Wij missen een „inlichting" in de diepte. Het huis achter deze gevels kan een meter diep zijn, ook twintig. Wij tasten voortdurend in 't onzekere.

Tevergeefs trachten de architecten ons door aangeplakte balcons of ingesneden loggia's, diepte te suggereeren. Maar 't blijft, zooals het genoemd wordt gevelplastiek, d.w.z. met het innerlijk van het gebouw heeft deze plastiek zeer weinig te maken. Trouwens van dat innerlijk valt in de meeste moderne wijken heel weinig te vertellen. In den gevel is de architect aan 't woord, „de artistieke bons". Binnen en aan den achterkant de eigenbouwer, die er op uit is, daar het geld terug te verdienen, wat hem door gevelplastiek, vaak op bevel van de schoonheidscommissie uit zijn zak is geklopt.

Een andere hedendaagsche methode van „gevelplastiek" is het aanbrengen van torens. De platte, moderne wijk is niet

Sluiten