Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verder in een stelsel, waarin de wereldruil vrij wordt gelaten, ook wel geschieden, dat één land een ander vervangt als afnemer of als leverancier; dan verschiet er iets in het internationale ruiltafereel; ook dit is verandering. Een politiek-economische stelregel, die deze mogelijkheden voorziet, ja oproept, gaat het raam der statica te buiten.

Nationaal verzet tegen een van internationalisme doordrenkt stelsel van handel en verkeer kan voortkomen uit andere dan zuiver economische, ook uit volstrekt on-economische overwegingen. Hierover zal ik nog hebben te spreken. Het kan echter ook een louter economisch karakter dragen en het oude verwijt, waarvan ik repte, droeg dit. Het ging uit van dit onsplitsbaar paar historisch onbetwistbare feiten, dat niet alle landen in eenzelfde stadium van economische ontwikkeling verkeeren en dat de tusschen hen bestaande verschillen in menig geval kunnen worden overbrugd door van landswege opzettelijk ter hand genomen ontwikkeling van productiviteitskiemen, die het gevaar bedreigt, door voorshands doodende mededinging uit verder ontwikkelde landen te worden verstikt. Op deze gedachte steunde en steunt het stelsel van tijdelijke, opvoedende industrieele bescherming ; de landbouw bleef erbuiten. Steunde en steunt; maar de verleden tijd is hier belangrijker dan de tegenwoordige. Practisch heeft dit argument grootendeels zijn tijd gehad, nu een honderd jaar terug, toen men inderdaad nog van industrieel tegelijk achterlijke èn hoopgevende landen spreken mocht; heden ten dage heeft het in den regel meer zin, te spreken van gevallen van niet hopelooze achterlijkheid in landen, die in het algemeen zich industrieel reeds hebben ontplooid, hetzij dan onder vrijhandel, hetzij onder bescherming. Voor zulke gevallen wordt ook nu nog wel protectie gevraagd en verkregen, maar het beschermend stelsel van het eind der negentiende en van de twintigste eeuw bestaat uit dit slag maatregelen slechts zeer ten deele; het is agrarisch zoowel als industrieel, niet zoozeer uit op groei als wel op behoud, in sterke mate door niet zuiver economische motieven gedragen en in beginsel niet als tijdelijk, doch als blijvend bedoeld.

De wetenschappelijke waarde van dat zoogenaamde opvoedingsargument wordt intusschen door zijn gehalte aan actualiteit niet

Sluiten