Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

96 HOOGE RAAD DER NEDERLANDEN.

Zitting van 27 November 1905.

Art. 436 W. v. Str.

Pluraliteit van op verschillenden tijd verrichte handelingen is niet noodig.

R. H. is requirant van cassatie tegen een vonnis der Arrond.-Rechtbank te Rotterdam van 25 Mei 1905, waarbij in hooger beroep is vernietigd het vonnis door den Kantonrechter in het derde kanton aldaar den 4 Maart 1905 tegen den requirant gewezen, de requirant met vrijspraak van een deel der aanklacht, is schuldig verklaard aan „het niet toegelaten tot de uitoefening van een beroep waartoe de wet eene toelating vordert, buiten noodzaak dat beroep uitoefenen" en, met toepassing van de artt. 23 en 436 Strafr. in verband met art. 1 der wet van 1 Juni 1865 (Stbl. no. 60), zooals deze wet is gepubliceerd bij K. B. van 2 Juni 1905 (Stbl. no. 148) is veroordeeld.

De Hooge Raad, enz.;

Overwegende, dat aan den requirant in hoofdzaak was te laste gelegd, dat hij in het jaar 1904 te Rotterdam, zonder te zijn toegelaten tot de uitoefening van het beroep van geneeskundige, waartoe de wet eene toelating vordert buiten noodzaak D. G. V., die lijdende was aan spondylitis tuberculosa, als beroepsgeneeskundige heeft behandeld:

1°. op 26 Aug. 1904, door: a. hem te onderzoeken, door na een buisje op verschillende plaatsen op diens rug en borst geplaatst en aan zijn oor gutah perchabuizen bevestigd te hebben, een hamertje kloppend te laten neerkomen op zijn twee aaneengesloten op het lichaam van dien lijder gelegde vingers; b. uit eene opene wonde in de rechterlies des lijders te nemen, en na reiniging in die wonde te herplaatsen een daarin ingevolge vroegere geneeskundige behandeling zich bevindend draineerbuisje tot afvoer van stoffen bestemd; c. een gipsbed, waarin die lijder ingevolge voormelde behandeling lag, af te keuren met den raad hem daaruit te nemen; en d. zalf en een aantal korrels met gebruiksaanwijzing te verschaffen, voor welke verrichting bij ƒ 25 ontving;

2°. eenige dagen later: door aan den üjder of aan diens ouders met daarbij gevoegde gebruiksaanwijzing te zenden eenige zalf, eenige sublimaatpastilles en een spuitje;

3°. op of omstreeks 8 Sept, 1904: door van uit Utrecht aan de ouders van den patiënt te schrijven of te doen schrijven met de gegeven middelen op de voorgeschreven wijze voort te gaan;

4°. op of omstreeks 22 Sept. 1904: door na onderzoek van patiënts urine gelijk bericht te zenden en gelijken raad te geven;