Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan als kiaploopertj. Wanneer er een Belgisch servituut rust op de verbinding tusschen Schelde en Rijn, dan beteekent dat een inbreuk op Nederlands rechten, en anders niet.

Het is dan ook niet een Belgisch recht, maar een Belgisch-Britsch belang dat ertoe geleld heeft, dat België zulk een servituut verkreeg. In het Koninkrijk der Vereenigde Nederlanden had Antwerpen een sterk ontwikkelden RiJnhandel. Door de scheiding zou Antwerpen dat voordeel verliezen. Men vcnd dat daar natuurlijk minder aangenaam en drong aan op verleening aan België van een recht om aan het Rijnverkeer deel te nemen

Dat Belgisch Rijnverkeer zou moeten gaan ever de zuiver Nederlandsche wateren tusschen Schelde en Rijn, wïer zuiver Nederlandsen karakter door een servituut zou worden aangetast. Van Nederlandsche zijde heeft men dat gevaar ter dege ingezien, en de Conferentie van Londen, die op den Belgischen wensen niet inging, verklaarde bij schrijven van 18 Februari 1831 uitdrukkelijk aan de Nederlandsche regeering, dat de bepalingen van internationaal rivierenrecht van 1815 (hierboven in verband met de Schelde genoemd) alléén zouden gelden voor aan België en Nederland gemeene rivieren. M.a.w. niet zouden gelden voor het gebied tusr schen Schelde en Rijn, dat alleen maar Nederlandsen was.

Onder Belgischen druk is men later gaan wankelen. Het is niet noodig die geschiedenis

Sluiten