Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een gevoelig hart en een machtige wil zwol in het zwakke lichaam van den kleinen Zamenhof. Zie, hoe in ieder gedicht de woorden „doel" en „volharding" terugkeeren. Uit kunstzinnig oogpunt is naar mijn gevoel het Gebed onder de groene banier *) te verkiezen, en in nog sterkere mate het proza, door hemzelf in Boulogne en in Londen gelezen. Voor den oningewijden lezer lijkt een of ander van die gedichten waarschijnlijk te eenvoudig, zelfs naïef. Juist zoo lijken alle overblijfselen van een beginnende letterkunde in de gemeenschappelijke taal van een zich vormende natie. Maar wie het sterke gevoel begrijpt van de menschen die ze liefhadden en zongen, voor dien verschijnen ze in innerlijk licht als schatten van groote waarde. Over eeuwen zullen dikke boeken verschijnen om ze te roemen. Naïviteit wordt dan bekoring, eenvoud: de hoogste kunst.

Zoo zal het misschien ook met de Zamenhofsche gedichten gaan, want zij vertolken voor de eerste maal, niet enkel den geestdrift der Esperantisten, maar het gevoel van de tot bewustzijn ontwakende menschheid. Rijpe kunstenaars komen later wel; doch gezegend zij thans de populaire bard, die, als eerste, door het oor van 't genie, in de diepte van het hart der menschheid het smachten naar het klare licht der broederschap hoorde!

*) Zie den zakelijken inhoud op bl. 52—53. Het oorspronkelijke gedicht is langer dan het door Dr. Privat aangehaalde. Vgl. Originala Verkaro, bl. 589—590. — Vert.

Sluiten