Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geen doodzonde, sich niet aan de regels der school te houden, en kan men er zelfs prachtige effecten mee bereiken, er den uitdrukkingsrijkdom van het HoUandsche vers door vergrooten, zooals vooral menigmaal uit Gorter's vers-werk blijkt, toch blijft het onomstootbaar, dat een dichter niet den eersten den besten toevalhgen rhythmischen inval goed mag keuren, in zijn werk, maar steeds, als hoogsten rechter, zijn fijnst psychisch gehoor heeft te beschouwen, dat hem zeggen zal, of een vers, dat hij op 't punt is om op te schrijven, inderdaad een voldragen vers is, dus de juiste weergave van een inwendig zingen, dan wel een onvolkomen benaadring ervan.

De grootere vrijheid toch, die, zooals ik reeds aangaf, Jacques Perk en daarna Gorter vooral, aan 't HoUandsche vers gaven, heeft met al het goede en mooie, dat zij meebracht, ook dit kwade gevolg gehad, dat sommigen der Jongsten nu gaan doen, alsof aUes maar geoorloofd, en of bet eerste het beste wat toevalbg uit hun pen komt, een meesterstuk moet zijn. —

Het was noodig dit te zeggen, want nogmaals: wie met de traditie der vers-techniek wil breken, moet eerst toonen, dat hij daar recht toe heeft, door iets schooners te geven dan, binnen de grenzen dier techniek, goed mogelijk zou zijn. Doch waar dit niet het geval is, waar de dichter toont, uit louter gemakzucht of ongeoefendheid in den vorm, het leelijke te hebben neergeschreven of onveranderd gelaten, daar dient dit gebrek aan artistiek geweten met duidelijke woorden te worden gesignaleerd" 1).

Gaan we thans na deze algemeene opmerkingen den vorm van Kloos' Sonnetten afzonderbjk beschouwen, dan zullen we zien dat webswaar het vijf-jamben-vers op den achtergrond van zijn bewustzijn heeft gestaan en vele regels vijf zoogenaamde jamben teUen, namebjk waar de - stemming dit medebracht; maar dat er hiernaast taUooze zijn met varieerende afwijkingen van ket schema, en die afwijkingen zijn geen vergissingen of slordigheden, maar schoonheden", omdat zij de precieze weergave zijn van de zielsbewegingen van den dichter, niet minder dan de regelmatig-jambische verzen. Maar die zielsbewegingen zijn dan verschillend'genuanceerd b.v. door

1) Kloos heeft ook op andere plaatsen zijn standpunt ten aanzien van het vers-rhythme uiteengezet. Ik wijs o.a. op de Inleiding van zijn bloemlezing uit Heine (1906), blz. 23 vlgg.: „Over het gebruik van vrije rhythmen in de verskunst is dikwijls veel te doen geweest", enz.

Sluiten