Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

God is zoo goed voor mij: hij laat gebeuren De aUerverschrikkehjkste onttoovering Mijns levens zoo langzaampjes-aan en ik zing, Terwijl de menschen om mij heen wat zeuren.

Maar de eenzaamheid wordt hem te zwaar: hij blijkt er niet tegen bestand, kan niet afzien van zijn hartstochtebjke wenschen. Is het deze verlatenheid en ontgoocheling geweest, waaronder hij lijden moest, meer dan iemand? Was bet de nawerking der vreesebjke schokken van het afgeloopen jaar, welke zijn teêr, maar zoo hevig-voelend gemoed verscheurd hadden? Zeker is, dat zijn zenuwgestel in den winter van ' 1895 in die mate bleek aangetast, dat hij in een sanatorium rust en genezing moest zoeken. In den zomer van 1896 was hij weer zich zelf en weldra kon hij de redactie van zijn tijdschrift weer op zich nemen x). ' De tot normale kalmte teruggekeerde hersens konden nu weer geregeld werken en met niet minder zuivere kracht en fijnheid dan vóór zijn periode van ziekte schreef hij zijn verzen en kronieken. Merkwaardig scherp geteekend zijn de aangrijpende beelden die hij heeft samenn gevat onder den veelzeggenden titel: Infernale Impressies *). Niet aüeen als kunst maar ook als „documents humains" zijn deze gedichten van het grootste belang. We zien er uit, hoe hevig en helder het bewustzijnsleven kan zijn ook in den toestand van diepe depressie of geestebjke evenwichtsverstoring.

Jk zal me wel wachten — leek in de psychiatrie — te oordeelen over therapeutische behandeling van zenuwlijders. Maar ik heb eens een jongeman, dien ik gedurende een omgang van ruim twee jaren dat ik hem lesgaf in de algemeene bteratuurgescbiedenis, als een begaafd en fijnbesnaard mensch bad leeren kennen, verlost uit een sanatorium te Utrecht, waar hij in ééne kamer met een zestal onbeschaafde en botte psychopathen zijn „genezing" moest afwachten. Dj: vernam van zijn broeder dat hij leed onder dat gezelschap en heb toen den professor, op wiens advies mijn jonge vriend daar ondergebracht was, uitvoerig ingebcht omtrent de persoon van den patiënt, zijn bizonder fijnen

1) Bizonderheden hierover zijn te vinden in het Dagboek van Fr. van Eeden dL II en III. Van Eeden heeft Kloos meer dan eens opgezocht en sinds Mei 1896eenige maanden bij zich in huis .gehad.

Kloos, die te Bussum in villa Parkzicht woonde, bezocht Van Eeden nu en

dan. Op 28 December 1896 lezen we: „Vrijdag at Kloos hier Kloos was

goed en aangenaam en ik beloofde hem een stuk van Schijn en Wezen voor Maart".

2) In Verzen II, zonder titel, de nummers 93—99.

Sluiten