Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijke mag men niet vergelijken; dat is een steeds meer voorkomende vorm van majesteitschennis, die bewijst dat de eerbied voor een der hoogste functies van den geest: onderscheiden, verloren gaat. In elk geval beteekent dit schijnbaar geleerd bedrijf een ontkenning of onderschatting van de hiërarchie, welke nooit zonder schade en schande verstoord wordt. Als ik over Arthur van Schendel in een oprechten toon wil schrijven, moet ik dat doen van het besef zijner souvereiniteit uit. Hij is voor mij, als alles en allen, die ik waaldijk en diep en op de goede wijze bemin: „un et indivisible", dus onaantastbaar. Hieruit blijkt weer eens van welk een indringend belang de indrukken zijn, welke men in den jongelingstijdontvangt. Toen ik zeventien jaar was, kreeg ik toevallig een boek in bezit, dat mij hooger leek, zuiverder, van edeler substantie, dan alles wat ik ooit voordien ter hand genomen had en daardoor werd niet alleen mijn toekomstige verhouding tot Van-Schendel en zijn oeuvre, maar ook mijn gansche litteratuur-

Sluiten