Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Loterijprent uit het jaar 1604, zich bevindende in het Gemeente-Archief. (Afb. no. 11).

overlevering zouden in deze gaanderij de geesteszieken ook wel, tijdens de Kermis, voor een kwartje zijn gedemonstreerd of tentoongesteld, op dezelfde wijze als dit in andere oude gestichten wel het geval is geweest. De zolder is thans in gebruik bij de Afdeeling Zedenpolitie voor het archief. Een gedeelte der cellen is nog aanwezig. De bepalingen van de Artt. 18 en 32 van den Binnenvader en de Binnenmoeder van het jaar 1805 (zie pag. 35 e.v.) zullen vermoedelijk wel verband hebben gehouden met het hiervorengenoemde bezichtigen der patiënten.

In de benedenverdieping van het Hulpziekenhuis, hetwelk een deel van het oude Dolhuis in gebruik heeft, bevinden zich nog twee isoleercellen met ouderwetsche kijkgaten. Het verplegend personeel had de instructie vooral niet te dicht bij de kijkgaten te komen, tijdens het observeeren der patiënten, wijl het niet onmogelijk werd geacht, dat de opgeslotene zou trachten de oogen van den oppasser te verwonden.

Administratie en Financiën.

Thans vragen nog de administratie en de financiën de aandacht.

Dat het oude dagboek van den Binnenvader, bij een zeevarend volk als het onze, werd bijgehouden in den vorm van een scheepsjournaal, behoeft geen verwondering te wekken. De gebeurtenissen werden in chronologische volgorde opgeteekend. Tusschen inkoopnotities van haring, wijn en brandewijn werd b.v. melding gemaakt van de komst en het vertrek van den Koning — Stadhouder Willem III — in het jaar 1693.

Dat Tan Brouwer, de barbier, „geëxamineerd" is door Dokter

Sluiten