Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook tijdens de oorlog, dit als het enig belangrijke te proclameren. Op een dergelijke grondslag was een verzoening tussen Mussolini en het partij-socialisme mogelijk geweest. Mussolini had niet opgehouden zich socialist te verklaren, socialistische eisen te stellen. Maar de partij begreep niets van de nieuwe situatie. Zij zette haar oude politiek voort, die evenzeer tegen de regering als tegen de interventionisten gericht was. Ze maakte geen onderscheid tussen degenen die de oorlog gewild hadden om kapitalistische redenen, en degenen die door sociale en ideale motieven gedreven waren, die zich wellicht vergist hadden, maar eerlijke mensen waren, die hun leven op het spel gezet hadden. Voor deze doctrinairen was er geen onderscheid tussen een Basil Zacharof en een Hendrik de Man I Het socialisme van de Italiaanse partij was niet alleen gericht tegen alles wat frontstrijder, soldaat, officier, geweest was, maar daardoor ook tegen de groepen waaruit de bewuste frontstrijders voortkwamen: de middengroepen. Men werd nog nadrukkelijker „proletarisch” dan ooit te voren. Het proletariaat zou zijn „dictatuur” vestigen en alle andere klassen aan zich onderwerpen, zo verklaarde men, zich aansluitend bij de „communistische internationale; en men het de middenklassen, door stakingen, onafgebroken loonstrijd, fabrieksbezettingen, door het optreden tegen allen die leiding moesten geven in de bedrijven, de staatsdiensten enz., reeds een voorproefje genieten van deze dictatuur. Voor die groepen moest „socialisme” of „bolsjewisme”, wel gelijk staan met voortdurend verergerende chaos, en voortdurende vernedering en belediging. De socialisten dreven de antikapitalistische middengroepen van zich af, en ze brachten deze in een toestand waarbij ze het proletariaat als een nog erger vijand gingen zien dan de kapitalisten, zodat ze bereid werden de hulp der kapitalisten te aanvaarden in de strijd tegen het proletariaat. Iets soortgelijks gebeurde op het platteland, waar landarbeiders tegen kleine boeren opgehitst werden en kleine boeren tegen middelbare. Overal heersten chaotische toestanden en nergens was een kracht zichtbaar van wie men herstel van het gezag en van de orde kon yerwachten.

Veroverden de socialisten de macht, dan zou dat — zo voelde het niet-proletarische deel van het volk het — de heerschappij van de straat, van terreur en willekeur betekenen.

Maar de andere kant van dit chaotisch socialisme, was juist het gebrek aan energie en concentratie, nodig voor de verovering

Sluiten