Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staatsman die aan de spits van een cultuurvolk staat, geen diepere ideeën heeft dan de gemiddelde parapluie-dragende respectabele burger, of dat de fameuze filosoof hetzelfde kinderlijke geloof heeft in z’n ingewikkelde terminologie, als de massamens in z’n krant of z’n kerk. Maar ook in de moeilijker te ontmaskeren cultuur-pose is tenslotte de pose te ontdekken.

Nu is er natuurlijk heel veel in deze toestand, waarmee we geen genoegen kunnen en mogen nemen. Het is bijv. niet in orde dat een groot rijk geregeerd wordt door een manneke met parapluieideeën, of dat een woord-gelovige voor filosoof doorgaat, maar in het algemeen is het feit dat er slechts een kleine éüte, een grotere schijn-élite en een nog grotere massa is, opzichzelf moeilijk te wijzigen door verklaringen dat het anders behoorde te zijn. Wat we kunnen en moeten doen, als we de zaak in orde willen hebben, dat is, er voor te zorgen dat aan het hoofd der politiek een politiek georienteerd élite-mens komt, dat de filosofische élite gerespecteerd en de filosofische woord-jongleurs niet ernstig genomen worden. Geschiedt dit, dan is de uitwerking hiervan veel belangrijker voor de wereld dan bijv. het vergroten der élite, als die élite tegelijkertijd machteloos blijft.

De vraag of de élite te vergroten zou zijn, en in ’t algemeen of de cijfers die ons gegeven worden over de variaties van het verstand), cijfers die, met enige correcties, ook wel zullen gelden voor de verdere vormen van begaafdheid en die dus een beeld geven van de waarde van de diverse „totale persoonlijkheden”, de vraag dus of die cijfers onveranderlijk zijn, kunnen we hier niet nader onderzoeken. Het is ook niet nodig, want aangenomen dat een andere structuur der maatschappij een gunstiger toestand zou kunnen scheppen, dan nog is dit alles toekomst-muziek, en dan nog zullen we geen ander uitgangspunt hebben dan de thans bestaande toestanden, die ons de beschikking geven over 2 % % zwakzinnigen, 25 % minder begaafden, 45 % gemiddeld begaafden,

x) Zie bijv. Dr. J. Luning Prak: „Menschen en Mogelijkheden” (Amsterdam, 1938). Aan dit boek is de hieronder volgende verdeling in procenten ontleend. Men houde bij alles wat in dit verband gezegd wordt, rekening met de bezwaren tegen de eugenistische opvattingen, bezwaren die men in het hoofdstuk „Mens en Ondermens” vindt, en die o. a. door Dr. A. L. Hagedoom, in zijn bijdrage, „Erfelijkheid en Rasvorming" — in het verzamelwerk „De Rassen der Menschheid” — uitvoerig worden beredeneerd.

Sluiten