Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

taak: de verzorging van het totaal der menschelijke goederen. Niet langer behoeft de Staat over allerlei oeconomische quaestie's te beslissen — dat alles doen de menschen zelf in hun eigen bedrijfschappen. Ook de aanstelling van personen, die het Staatsbestuur vormen, zal op veel zuiverder gronden geschieden: niet langer meer gaat men hen kiezen terwille van het eigen oeconomisch belang, want daarvoor zorgt de bedrijfschap: de bondsvorming van den beroepsstand. Nu kan men kiezen werkelijk als burger, waarbij als motief enkel doorslaggevend behoeft te zijn iemands kijk op de verzorging van het algemeen belang.

Met allen aandrang urgeert daarom Quadragesimo Anno, dat: „en de Staat en de goede staatsburgers met kracht daarheen moeten streven, dat met opheffing der klassentegenstelling er kome een eendrachtige samenwerking der standen." En waar deze bondsvorming der beroepsstanden tot bedrijfschappen alle werkers van hetzelfde beroep zal moeten omvatten, van welke godsdienst of levensbeschouwing ze ook zijn, kan het niet anders dan hoopvol stemmen, dat niet slechts bij katholieken, maar ook bij andere groepen deze gedachten levend zijn. Dit alles moet met kracht worden bevorderd.

Geheel in tegenstelling met dit Pauselijk vermaan handelde dan ook de verslaggever van Het Centrum in het ochtendblad van 26 Maart (ik haal slecht3 een enkel voorbeeld met name aan — men kan zulke dingen zoo nu en dan vinden in bijna al onze bladen). Verslaggevend van een vergadering der N.S.B. citeert hij van den spreker verschillende gezegden, die volkomen met den inhoud der Encycliek overeenstemmen. En dan heeft hij daarvoor geen andere woorden dan: „schameltjes, inconsequent, aardig lokaas, holle frazen enz." Wat zoekt deze heer? Waarheid? Of Roomsche gelijkhebberij? An-

Sluiten